Search

Wendert

Category

Short story

L’amour court les rues

ce84a1174b16d2669781e82d2de7f8bb_large

 

Het is een klassiek plaatje, zoals ze daar door de straten van Montmartre struint.

Haar lange haren nonchalant verstopt onder de brede rand van haar grote zwarte hoed, het ceintuur van haar modieuze jas om haar slanke middel gestrikt, en een nauwsluitende pantalon met daaronder haar zwarte bescheiden hakjes.

De straatsteentjes van Montmartre laten haar zoeken naar haar balans. Ze houdt haar postuur vast, met moeite, en haar blik is meer naar binnen dan op haar omgeving gericht.

Ze is naar Parijs gekomen om afscheid te nemen van haar minnaar. Als ze een moment vinden om elkaar te zien. Als hij tenminste komt. Ze weet dat ze hem niet echt gaat missen, toch hoopt ze op een laatste ontmoeting. Maar ze is in Parijs, dus ook als hij er niet zal zijn, geniet ze van de stad. 

Parijs is niet haar favoriete stad, ondanks haar prachtige straten, mensen en gebouwen, ondanks de mode, de kunst, en de kleine balkonnetjes, ondanks de allure, de restaurantjes en de kleurrijke smaakvolle macarons, ondanks de drukte, de geheime trappetjes, en de liefde. Want die liefde, daar heeft Parijs haar niets in te bieden.

De eerste keer dat ze naar Parijs ging gaf de stad haar al haar idee van de liefde.  Het was een eindstation terwijl ze juist daar een nieuwe halte om in te stappen had gezocht. De Thalys had geen stoelen meer over, dus zaten ze apart. En dat bleven ze.                      Jaren later bezocht ze haar nog eens met een nieuwe liefde, naast elkaar wandelend door de straten, maakte de stad haar opnieuw duidelijk dat ook deze liefde niet voorbestemd was.  Ze kregen er ruzie en misten het vuurwerk bij de Eiffeltoren omdat het er die nacht niet was. Parijs gaf haar de koude schouder. En nu een aantal jaar later, is ze alleen gekomen.

Haar minnaar, een spannende Amerikaan, die haar hier komt opzoeken, die man laat ze maar al te graag los. Ze wist dat Parijs haar daar wel bij zou helpen.  En dit keer koos Parijs voor haar, dat wist ze zeker. Het was niet lang geleden dat Parijs zelf liefdeloos aangevallen werd. In de nacht van vrijdag de dertiende werden er op meerdere plekken aanslagen gepleegd want haar en haar inwoners tot diep in het hart raakte. Parijs trok haar verdedigingsmuren op, en liet niemand in of uit zonder de uitvoerige controle van haar soldaten. Dat had zij zelf ook moeten doen.  Al waren Parijs en zij het eens dat het geen manier van leven is..

Ze liep terug naar haar hotel, tijd om van schoenen te wisselen en haar hoge hoed op de stoel naast het bed in haar hotel neer te leggen. Vlakbij haar hotel stapte ze nog even een patisserie binnen, waar ze een amandel matcha croissant kocht.  De croissant besprenkeld met amandelen en gevuld met een zachte mousse smaakte naar groene thee, en ze sloot heel even haar ogen bij het eerste bescheiden hapje. Waarna ze het mee naar boven, naar haar hotelkamer, om in alle rust even te eten en de drukte van de stad te laten voor wat het was.

Niet veel later, hangend over het franse balkonnetje van haar homer, zag ze hoe hij door een vriend voor haar hotel werd afgezet.  Met dubbele gevoelens keek ze toe hoe hij uitstapte. Ze had zin om hem te zien, maar op hetzelfde moment dat hij hij daadwerkelijk voor haar hotel stond was ze het laatste beetje respect voor hem verloren. Ze was blij dat dit niet haar man was, ook al kwam hij nu wel voor haar. Hij wist het ook. In een poging zijn geweten te sussen pakte hij haar in een stevige omhelzing en sprak liefdevolle woorden waarvan ze beiden wisten dat het allemaal leugens waren gebleken. Ze liet hem begaan. Gaf een beetje toe aan haar eigen eenzaamheid. Als twee vreemden die de schijn hoog hielden van iets dat nooit echt was geweest, zaten ze naast elkaar op bed. Ze voelde zich een vrije vrouw. Dat was ze de afgelopen dagen in deze stad al geweest, nog voor hij het wist. Nu bekeek hij haar, er zat een spijt in zijn blik, maar wat heb je aan spijt? Deze zelfde week had Parijs haar alvast een les en een oefening voor vandaag gegeven. Alsof de duivel ermee speelde. De stad liet haar Wilfred tegenkomen, een color locale.  Hij kwam op haar pad en hij kwam haar meer tegen dan zij hem. Ze had zelf niet geweten waar ze heen liep, en dus gewoon maar wat aan het wandelen was gegaan. Hij deed dit wel vaker, een mooie vrouw bij de hand pakken en uitnodigen voor een bakje koffie. Die Wilfred kwam haar tegemoet gelopen.

‘Hello madame!’ Ze keek op en zag een zwerver staan. Sceptisch liet ze toe dat hij haar hand greep, twee vriendelijke ogen keken haar aan en ze luisterde naar zijn Frans met een beleefde glimlach terwijl ze haar hand langzaam terugtrok uit de zijne. Over gaande naar het Engels zei hij dat hij natuurlijk had kunnen weten dat zo’n lange mooie dame geen Francaise kon zijn, waarna hij bewonderend naar haar figuur keek. Ze kon er wel om lachen. ‘Ga je mee een koffie drinken?’

‘Eh..nee, nee, ik ben onderweg.’ Stamelde ze een beetje verbaasd over zijn directheid. ‘Kom! Je leeft maar een keer, ik wil gewoon even zitten en praten met deze mooie dame, dan delen we een sigaret, en dan sta je op en ga je weer verder op pad?’Ze keek hem zo kil mogelijk aan. ‘Wees niet bezorgd, ik ben gewoon vriendelijk, heb jij ook zin om vriendelijk te zijn?’ Ze ontdooide, dit was een grappige man. ‘Waarom ook niet? Dacht ze, en haakte haar arm in zijn uitnodigende arm en liep met hem mee. Vrolijk stak hij af in geklets terwijl ze de straat overstaken en neerstreken bij een van de kleine tafeltjes bij een cafe.

Het bleek zijn stamcafe te zijn, waar hij een graag geziene gast was, en terwijl hij als een heer plaats maakte zodat zij kon gaan zitten, bood hij haar een sigaret aan en bestelde twee koffie. Voor hij haar kon vragen waar ze vandaan kwam en wie ze was, was zij de eerste die de vragen stelde. Zijn naam was Wilfred, een lokale straat artiest verantwoordelijk voor een van de meest voorkomende zinnen die je tegenkomt terwijl je door de straten van Parijs struint. 

“L’amour court les rues! 

‘Wat betekent het?’ vroeg ze hem nieuwsgierig.. Wilfred ging ervoor zitten, en keek haar droevig aan.  Hij had eens een grote liefde gekend. Het was alsof alles op zijn plaats viel en tegelijkertijd niets meer klopte in zijn wereld toen hij haar ontmoette. En zo voelde het ook voor haar. Onafscheidelijk hadden ze samen van het leven genoten, ze werden overal samen gezien, mensen leken te worden aangetrokken door hun liefde, tot ze hem op een dag plots verliet. Ze was zo uit zijn leven gelopen, en hij had haar nooit meer gezien.  Gebroken dwaalde hij in de periode daarna door de straten, zoekend naar ogen zoals de hare, zoekend naar haar lach, kijkend naar andere gelukkige stelletjes, toen hem plots de zin binnenviel: ‘De liefde loopt door de straten.. ‘ Sindsdien siert hij de straten van Parijs op met zijn leus en zoekt hij ook andere street-art op, waarvan hij thuis een collectie maakt.

‘Hij kan het mooi vertellen, deze typische man’. Ze reageerde door hem te vertellen dat ze street-art een van de leukste vormen van kunstuiting vind omdat daar de vrijheid nog in zit, het heeft iets rebels en het is niet te vangen in een hokje. Het vrolijkt de straten op en kleurt gevels, zodat het niet langer grauw of grijs is en zet soms na tot denken of veroorzaakt een glimlach. Instemmend knikkend volgde hij haar enthousiasme. ‘Ja mensen zijn mooier als ze lachen, en haar lach was prachtig..’ Wilfred zag er slonzig uit, zijn haar door de war, een oude leger jas en afgetrapte schoenen. Hij had wel schone nagels en had zichzelf onlangs nog geschoren. Terwijl ze hem zo in zich opnam en naar zijn verhaal over de liefde luisterde, stond hij plots op en zei; ‘Kom mee, ik laat je het zien!’ Hij legde geld neer voor de rekening en pakte opnieuw haar hand. ‘Laat ik me maar gewoon storten in dit korte avontuur’, dacht ze. Geen idee waar hij het over had.‘Kijk! daar is er net een weg, merde! Ik heb m gemist, maar zijn stencil is nog nat, nu kan ik het voorzichtig van de muur afhalen en meenemen naar huis!’ Met grote zorg rolde hij het stuk papier van de muur en liet de lijm wat drogen. Als een teer stuk in zijn handen liep hij er vervolgens mee weg. ‘Ga maar mee zei hij dan laat ik het je zien, we gaan naar mijn huis.’

‘Wat ben ik in godsnaam aan het doen, flitste even door haar hoofd, maar ze liep mee. ‘Maak je geen zorgen, ik ben ook fotograaf. Ik doe de Paris Fashionweek enzo en maak ook portretten. Iedereen kent mij hier.’ Natuurlijk geloofde ze hem niet, maar aangezien hij de helft kleiner dan zij was, dacht ze, ik laat me gewoon meevoeren, heb toch niks anders te doen. Als er iets gebeurd kan ik hem vast wel aan. Wandelend richting zijn huis, wees hij op verschillende plekken de street-art van anderen aan en ook zijn eigen leus. ‘Ik heb ermee in de krant gestaan’ vertelde hij vol trots. In Parijs ben ik op mijn manier een klein beetje beroemd. En inderdaad, overal waar hij met haar langsliep zeiden de mensen hem gedag.                                                                                     Zijn appartement was klein, in de woonkamer lag wiet, dat hij haar aanbood, maar ze weigerde, en er stond een groot rommelig bed, een oude versleten bruine leren bank. Aan de muren hingen verschillende foto’s. Mooie foto’s.                                                  ‘Wijn?’                                                                                                                                                  Ze pakte de fles die hij haar overhandigde aan en schonk het glas halfvol dat hij haar zojuist gegeven had.  ‘Heb je die foto’s zelf gemaakt?’                                                              ‘Ja, natuurlijk, ik heb je toch verteld dat ik fotograaf ben? Mag ik van jou mooie foto’s maken? Je bent prachtig, ik wil het vastleggen, dit moment ook, het is mooi zo.’’Ik ben geen model’ hoorde ze zichzelf leggen, en ik ben niet zo goed in poseren en foto’s.         ‘Ga eens bij het raam staan, doe maar, dan maak ik een foto!’  Zijn vrolijke toon maakte het moeilijk om nee te zeggen, dus ging ze ongemakkelijk bij het raam staan.

‘Klik! Klik!’ Hij schoot een paar foto’s. En pakte haar daarna in een omhelzing vast.        ‘Ik wil met jou vrijen..’                                                                                                                      Nu moest ze zelf echt even terug naar de realiteit. Ze dacht aan haar minnaar, aan het kleine appartement waarin ze zich nu bevond en aan de vraag; Hoe kom ik hier weg?’       ‘Nee, zei ze resoluut.’ Er was niets meer van haar eerdere onzekerheid over. ‘Wilfred, ik ga niet met je vrijen, echt niet.’                                                                                                  ‘Wees maar niet bang’ Zei hij. ‘Ik geef je nu mijn nummer en dan bel je me later. Dan ga je met me mee wijn drinken met mijn vrienden, ik nodig jou uit!’                               ‘Bedankt Wilfred, ik heb genoten van de wandeling met je, en van je gastvrijheid, maar nu moet ik echt gaan’. Haar wijnglas laat ze achter op zijn tafel en pakt haar jas nog voordat hij dit voor haar kan doen. Ze zag zijn gebaar en beleefd gaf ze hem nog een kus op zijn wang, waarna ze zichzelf naar buiten liet, zijn appartement uit.

Dat was minder moeilijk dan ze had gedacht, hij loopt haar ook niet achterna.  Verbaasd over haar eigen assertiviteit en trots op zichzelf dat ze zo duidelijk voor zichzelf gekozen heeft, wist ze nu, dat ze dit ook met hem zou doen. Wilfred belde ze niet meer.                En diezelfde boodschap zou ze haar minnaar ook geven.

Dat is wat door haar hoofd gaat terwijl hij haar zoent. Hij zoent lekker, en ze wist dat hij ook lekker vrijen kon. Alleen dit moment was er nog, waarna ze elkaar nooit meer zouden opzoeken of zien. Dus vreeën ze. Ze vreeën alsof ze bij elkaar hoorden, en hadden sex alsof ze twee vreemden waren.  Waarna ze beiden stil vielen en elkaar niets meer te zeggen hadden. Ze liet hem rustig bekijken wat hij nu wilde doen. En hij stamelde onsamenhangende zinnen over het leven en zichzelf. Probeerde zijn innerlijke complexen uit te leggen, zaken die haar allang niet meer interesseerde, sinds ze zelf zijn spelregels had begrepen en was uitgespeeld. Nu keek ze naar hem, zoals ze dat deze dagen al eens eerder had gedaan. Bij Wilfred. Alsof Parijs haar een les mee had willen geven voor dit moment.                                                                                                                    ‘Ik wil dat je gaat.’ Ze pakte zijn jas en bood hem die resoluut aan. ‘Ik wil dat jij naar huis gaat, naar je vrouw, en de keuzes maakt die je hoort te maken. Mij niet meer belt, of opzoekt.’ Hij knikte alleen maar en trok zijn jas aan. Daarmee liet ze hem de deur uitstappen, die ze rustig achter hem sloot. Ze keek hem nog even na, vanachter het gordijn van het raam, hetzelfde raam dat eerder nog open had gestaan zodat ze vanaf haar franse balkon de straat in had kunnen kijken. Maar nu had ze geen behoefte om hem tegemoet te zien. Ze wilde dat hij met elke stap die hij nam meer uit haar leven verdween.

Parijs had haar onder haar vleugels genomen. En dit keer had ze haar les begrepen. Parijs voelde als een goede vriendin die haar de waarheid had vertelt.           Wilfred had gelijk.  De liefde loopt door de straten van Parijs, soms niet helemaal zoals het hoort, of zoals je het verwacht. Op een dag zal ze nog een keer in Parijs zijn, en als de liefde dan goed zit, zal de stad haar alle romantiek van zichzelf geven. Zoals alleen zij dat kan.

‘L’amour court les rues!’

Advertisements

De Bikkels van Ibiza

f7f454daeae0b840456e95901e1ca959

Met een grote teug vult hij zijn longen vol lucht voor hij het water raakt en zich laat afzakken naar de bodem. Beheerst opent hij zijn ogen in het heldere zoute water dat hem toestaat de bodem van de baai laat zien zo’n drie meter onder zijn zeilboot.Hij kocht de boot voor nog geen vierduizend euro en besloot simpelweg naar het zuiden te varen waar hij bij San Antoni zijn anker uitgooide. Langzaam laat hij zichzelf afzakken naar de bodem, de lijn naar zijn anker volgend.  Eenmaal beneden vouwt hij zijn handen om het anker om te voelen hoe stevig het ligt. Het voelt zwaar, liggend op de bodem, het ligt niet stevig genoeg daarom laat Patrick wat lucht uit zijn longen en zet zijn voeten schrap op de vloer van de baai terwijl hij het anker dieper de bodem in trekt en duwt. Net als hij zich wat benauwd begint te voelen ligt het er stevig genoeg bij en laat hij langzaam de lucht uit zijn longen los terwijl hij zich op de bodem afzet en naar boven zwemt.

Er komt vanavond laat een storm aan.

Zo een die het water vertroebelt en aan de mast van zijn boot rukt. Die zijn boot heen en weer zal doen deinen en van zijn kajuit dezelfde chaos zal maken als waarin de wind zich bevindt. Een storm met de kracht die zijn boot eventueel kapot laat slaan op de golven of naar de rotsen langs de kust zal doen driften.. Tenzij hij zijn anker stevig heeft. Zijn boot mag niet gaan driften want als zijn boot vastloopt dan is het gedaan.Gedaan met zijn vrijheid, dus legt hij haar vast. Een paradox, die het leven van Patrick zelf bijna perfect omschrijft. Hij doet niet aan concessies. Hij leeft op zijn manier, dat is wat telt. Patrick drijft voldaan op zijn rug, het water is nu nog rustig. De zon schijnt alsof er staks niets komen gaat. En hij krijgt een idee. Hij zwemt naar zijn boot en klimt uit het water. Lachend zwaait hij naar zijn buurman die een paar meter verderop ligt terwijl het water van zijn rug afglijdt over zijn blote gebruinde kont. Andre ziet zijn maatje bezig en schud lachend zijn hoofd.

Het is halverwege November en het weer is wispelturig. De winter probeert het te winnen van de late herfstzon, die elders in Europa nergens zo schijnt als op dit eiland. De zon brandt hier feller, de herfst is zoals de lente en, alles is omvangrijker op dit eiland. Als de regen valt stroomt het water als spontane rivieren door de straten, dan spoelt het achtergebleven vuil na de intense zomer, samen met de laatste zekerheden van de meeste bewoners op het eiland, weg. De bewoners trekken zich spaarzaam terug in hun huizen, gehuurde appartementen of de kamer die ze ergens huren. De periode van onzekerheden breekt aan. Voor de vaste bewoners van het eiland wordt het leven langzamer en rustiger, en de tijdelijke seizoen werkers die overblijven weten niet of ze er het volgende seizoen nog zullen zijn. Velen trekken weg, terug naar het Spaanse vaste land of naar tijdelijke banen elders in de wereld. Netwerken worden aangelegd om een wankel soort  baanzekerheid te creëren, en de lucky few blijven ook in de winter hippie en bohemian. Voor allen geldt; iedereen moet eerst de winter door. Patrick en Andre ook. 

Andre houdt van deze periode. Op zijn eigen boot, ligt ook hij kosteloos voor anker op het open water, en zijn piraten zoals hij, ook in de winter voor hun plezier op het eiland.Andre zorgt voor de boten van andere mensen, in zomer en winter, met in de zomer wat meer en wat extra vertier. Andre meerde aan nadat zijn relatie stuk liep, zijn hart compleet verkocht. en nadien compleet gebroken, verliet hij Ukraine, kocht een boot en bood zich sindsdien aan, als betrouwbaar manusje van alles. Andre is een humorvolle, rustige man, met een diepere laag die hij niet snel laat zien. Patrick daarintegen heeft een nerveuze maar krachtige energie, en heeft zijn hart gegeven aan een vrouw van wie hij zeker is dat zij hem begrijpt, en die de kunst verstaat hem vrij te laten. Een nuchtere Nederlander, en een durfal. Twee uitersten zo op eerste gezicht. Andre zag Patrick voorbij varen worstelend met het motortje achter het gele rubberen bootje dat Patrick vanaf zijn boot naar de wal moet varen. Het pendelbootje van Andre zelf lag er ook wat mistroostig bij, hij was toe aan een nieuwe, maar zijn motortje werkte nog goed, dus hij deed het ermee.  Patrick heeft heeft de gave overal iets van te maken, maar dat motortje lukt hem niet zo goed.  Rustig gadegeslagen door Andre had Patrick moeten peddelen, hij kon er zelf om lachen gelukkig, dus toen hij dichtbij genoeg was riep Andre hem bij zich en bood een biertje aan, en ook maar meteen wat hulp met het motortje.  Dat aanbod sloeg Patrick niet af, die ook meteen kans zag Andre een bootje te verkopen. Patrick voorzag in zijn natje en droogje doordat hij voor een Nederlands bedrijf watersportartikelen aan de man bracht. Het liep redelijk en dus bood hij Andre wat opties aan. Andre mocht de ondernemende Patrick wel,  het bleef dan ook niet bij wat biertjes.

Die opties daar zouden ze het nog wel over hebben..

  • Wordt vervolgd.. –

Inzending NPO Boekenweek schrijfwedstrijd. Thema: Verboden Vrucht.

362c8eaa148d24c1d389c8ea229e3c05

… De rubberen zool van haar linkerschoen kraakt een beetje bij elke stap die ze zet.

Het zachte geluid zet een ritme vast in haar gedachten.

Een ritme dat ze volgt, zoals een soldaat marcheert, recht op het doel af.

Dat durft ze niet.

Ze houdt even halt..

Hoewel het bijna onhoudbaar is wil ze niet tot impulsieve acties overgaan.

Niemand die het weet. ‘Laat ik dat vooral zo houden’ Zegt ze tegen zichzelf.

Ze loopt verder, haar zool kraakt weer, en ze glijdt terug in het ritme van haar gedachtes.

Ze heeft het warm, maar het komt niet in haar op de sjaal die ze om haar hoofd draagt, wat losser te trekken, zodat er lucht bij kan.

Tussen haar schouderbladen trekken haar spieren samen en er staat een constante druk op haar ogen.

Er is niemand die het aan haar ziet.

Met een ruk draait ze zich om.

‘Shit!’ Haar ademhaling versnelt, haar ogen slaat ze snel neer, even friemelt ze langs de zoom van haar jas. Ze voelt hoe haar sjaal achter op haar hoofd langs haar haren naar beneden zakt.

‘Nu niet in paniek raken’ Ze wil niet in paniek raken.

Ze weet dat wat ze aan het doen is niet klopt. Dit kan ze niet maken. Een golf van eenzaamheid overvalt haar en snel duwt ze de donkere consequenties van haar gevoelens weg.

Ze staat met haar rug naar het trottoir en laat de mensen voorbij wandelen terwijl ze in de winkelruit kijkt. Ze kijkt naar zichzelf, en dan weer naar de mensen. De vrouw die naar haar terugkijkt lijkt een vreemde. Ze herkent haar niet maar de verwarring in haar blik wel. Toch houdt ze van haar, ook als ze er niet mag zijn. Ook als wat ze aan het doen is niet mag.

Ook als niemand het weet. Ze staat daar.

Ze weet het niet.

Ze weet niet meer wat ze moet doen. Ze kan geen kant op. Hier had ze niet aan moeten beginnen. De zwaartekracht zuigt haar vast aan de grond, het duizelt haar een beetje.

In de etalage van de winkel staan tijdschriften en boeken, ze laat haar blik over de titels gaan zonder er eentje werkelijk te lezen en kijkt dan weer snel terug in de weerspiegeling van de ruit.

Nu is het moment, ze telt de stappen die zij nog moet zetten.

Met haar hoofd licht gebogen draait ze zich half om, ze houdt haar adem in en strekt haar vingers uit. Vlinderlicht raken haar vingertoppen de achterkant van haar jas.

En weg is ze. Ze loopt door. Ze heeft het niet gemerkt.

Haar mond voelt droog, en ze hoort en ziet even niets of niemand meer.

Niemand heeft iets door gehad.

Opgelucht haalt ze adem, voor vandaag is het genoeg.

Zo dichtbij haar is ze nog niet eerder geweest.

Ze hoort het ritme van het lichte gekraak van haar rubberen zool weer, het geluid irriteert. Met tegenzin wandelt ze terug naar huis.

Naar hem.

The lamp.

hanglamp mozaiek mh51

Her eyes stare up at the lamp she bought in Istanbul.

In one of the many shops that had them on offer she had bargained a good price. Neatly packed in bubble plastic she took it with her in a bag, holding on to it on her lap, during her journey. She took care of it, like nothing before in her life, for months. And did everything she could to protect it so it would not break.

Once safe at home, she unpacked the frame, hung it from the ceiling and placed the six colorful bulbs gently within the holders, holding them with featherlight touch careful not to damage them. There was something special about this lamp. She had known it as soon as she saw it. She had seen many, but this one was different. She could not explain why, and the thought had come to her that not everything in life needs to be explained.

The mozaiek of colors blue, yellow, red, white, green, lilac, rose, silver, orange and copper, shimmers, and reflects a warm forgiving light that blemishes any imperfections.

The lamp is perfectly broken with all its small pieces of colored glass glued together in tear shapes, hanging, one by one, draped in perfect descending circles, just above her.

She loves how the light of this lamp warms the room with a welcoming tone, as if there is no place else you’d rather be. She placed her antique divan so she looks at the lamp from underneath it. Staring into the shimmerings and reflections endlessly.

In the center of the room. The center of the lamp. The center of her attention.

If you were to look through her window, in a sheer coincidence moment, passing by. You’d probably halt yourself to take just the one small step back. You’d stand there for a moment that would last longer than you yourself consider to be polite. The scenery would remind you of returning home after a long travel, and the smell of fresh warm food coming from the kitchen to greet you at the end of a cold winter’s day. You’d stand there in the freezing cold, it might rain and yet you’d feel a warm glow rise from within, just before you continue to your destination, with a spirit slightly more uplifted than before.

She won’t notice you were ever there. Where did she go?

 

Dat deed de deur dicht.

13537659_10153810467542677_6097451043061291232_n

‘Godverdomme!!!’ Hij schreeuwt het uit, bijna kermend als een gewond dier terwijl hij een stoel dwars door de woonkamer dreigt te gooien. Hij zet de stoel in plaats daarvan heel hard terug op de grond. Hij ijsbeert heen en weer, zijn lichaamstaal een met zijn gevoel, want hij weet niet waar hij het moet zoeken.

Zo emotioneel heeft ze hem in tijden niet gezien. Het is geen agressie. Hij is gekwetst.

Drie maanden geleden was de situatie anders. Toen liet zij zich op haar knieën zakken uit verdriet en onmacht om dat hij voor haar had gestaan als een vreemde. Toen liet hij haar raden naar de reden dat hij plots na vijf jaar, de koele mededeling deed dat hij de relatie beëindigde. En zonder omkijken haar daar op de grond achterliet.

Vier en een halve maand later stond ze bij hem in de woonkamer..

De eerste maand had ze niet anders kunnen doen dan huilen, en meer dan eens smeekte ze hem om er nog eens samen over te praten. Steeds opnieuw wees hij haar af. Ze zouden voor een kindje gaan, ze was al een jaar gestopt met de pil. Ergens wist ze ook wel dat ze elkaar al langer niet helemaal meer tegemoet gekomen waren, maar ze waren net terug van een heerlijke vakantie in Frankrijk, en hadden er samen goed over gepraat. Compleet overdonderd door zijn beslissing verkeerde ze simpelweg in shock. Het leek hem niets te kunnen schelen.

De tweede maand had ze zich kunnen herpakken, nog niet heel stabiel ging ze over tot het maken van eigen plannen. Ze ging weer sporten met vriendinnen en huilde niet meer elke dag. Maar als ze verdrietig was, dan kwam het diep vanuit haar buik en kon ze niet anders dan gaan liggen, op de bank of op bed. Ze belde hem niet meer. Ze wist dat het geen zin had. Op een avond bij vrienden vertelde ze dat ze een week naar Parijs zou gaan om bij te komen. Gewoon, alleen, wandelen in een andere omgeving. Het zal bezorgdheid geweest zijn dat ze hem gebeld hadden, tot haar verbazing wilde hij met haar mee. Als een soort chaperonne had hij een andere plek in de trein naar Parijs genomen om te gaan zitten. Als zij hem even opzocht kon er niet meer af dan een kort praatje en had hij het zichtbaar druk met het lezen van zijn boek. Niet een keer kwam hij haar even opzoeken in het andere wagon van de trein waar zij zat.  Parijs werd er niet gezelliger op, ze hadden geen ruzie maar de sfeer was gespannen, en al gauw had ze spijt dat ze zich niet aan haar eigen plan gehouden had om alleen te gaan. Toch leek hij de laatste dagen in die mooie stad wat bij te draaien. En dat gaf haar hoop. Hij gaf haar hoop. Maar eenmaal thuis liet hij in een korte kille sms weten dat hij alsnog geen relatie meer met haar wilde.

De derde maand brak aan, en hij had tegen de verwachtingen van in een beetje contact met haar gehouden. Maar ze zou niet nog een keer haar eigen hart breken door te hopen dat hij er nog eentje voor haar had. En hoewel ze inmiddels de reden wist dat hij niet met haar verder wilde, was ze het nooit met hem eens geweest dat het niet op te lossen zou zijn. Ze trok nu al zo lang aan een dood paard, dat ze het opgegeven had. Ze kreeg weer aandacht van andere mannen, en haar vriendinnen raden haar aan daar wat meer naar te kijken. Het zou bovendien goed zijn voor haar zelfvertrouwen. En ze was het ook zo zat zich een zielig hoopje mens te voelen.  Het was echt, ontzettend tijd dat ze haar eigen leven in haar handen nam. Dus ging ze over tot die one night stand. Een smakeloze poging om vijf jaar intense liefde te vergeten, die ze had gevoeld in haar hele wezen En nu alleen nog maar vergeten wilde. De seks was een afknapper, net als het condoom dat met moeite om werd gedaan. Deze one night stand was een sneue poging met een al net zo sneue jongen. Eigenlijk iets dat ze nooit deed. En terwijl het gebeurde wist ze meteen weer waarom. Ze nam het zekere voor het onzekere en nam een morning after pil, als kater.

Alsof hij voelde dat ze een keerpunt had bereikt, opperde hij dat hij misschien wel overwoog met de feestdagen hun ring weer om te willen doen. En voor het eerst had ze met twijfels naar hem toe gereageerd. Ze begreep niet eens waarom hij daar ineens mee kwam. Hij had haar tenslotte alleen maar afgewezen en voor gek verklaard.

Zes jaren zijn er voorbij.. Ze zit aan haar keukentafel in haar Rotterdamse appartement. Ze heeft hem nog weleens zien lopen, maar hij doet net alsof hij haar niet kent, ook al weet ze dat hij haar wel gezien heeft. Hij heeft vast nooit iemand verteld dat ze twee jaar na de gebeurtenis nog even contact hebben gehad. Elkaar zelfs nog even hebben opgezocht..

Nu gaat ze verhuizen, en ze is het doosje waar zijn ring in zit, tegen gekomen achterin een van de lades in haar kast. Dit is het doosje dat altijd met haar mee gegaan is, waar ze ook was.Behalve nostalgie was er geen enkele reden om zijn ring nog te bewaren. Hij zou de ring nooit meer dragen en waarschijnlijk niet eens missen. Ze had het gewoon nooit over haar hart kunnen verkrijgen om het laatste stukje ook echt weg te gooien. Ze hadden ze speciaal op maat laten maken, robuust maar zacht afgerond. De binnenzijde gegraveerd, en op de ring de letters van hun voornamen gezet. Hij de hare, zij de zijne. En trots waren ze erop geweest. Toen.

Soms droeg ze die van haar nog. Bovendien zat de ring lekker en stond hij leuk bij andere ringen die ze weleens gecombineerd droeg. Ze liet de zijne door haar handen gaan, door haar vingers rollen en deed de ring zelfs nog even om. Glimlachend herinnerde ze zich zijn worstenvingers, zoals hij ze zelf altijd noemde. Veel te groot voor haar lange slanke vingers viel de ring terug op de tafel. Ze sloot de ring in een envelop. Haar gedachten gingen terug naar al die jaren geleden..

Zijn woede, of het nu vanuit zijn ego kwam, of zijn hart.. was intens geweest. En terwijl ze naar hem keek, wist ze dat zij de laatste was die hem ooit nog zou kunnen troosten. Zelfs nu voelt ze nog de knoop in haar maag die ze toen had.

Vrienden die haar al snel zouden gaan laten vallen, hadden het haar afgeraden het hem eerlijk te vertellen. Maar ze wilde niet dat hij van iemand anders zou horen dat ze zwanger was geraakt tijdens die sneue one night stand. Erachter komen zou hij toch wel. Net zoals met haar plannen voor Parijs. Hij pakte haar vast in een poging zichzelf en haar te troosten en stelde voor haar naar een abortus kliniek te brengen, hij zou haar steunen als ze het weg liet halen, ook al wilde hij haar niet meer. Dit was het zwaarste gesprek dat ze ooit in haar leven had moeten voeren. Een keer hebben ze samen bij de abortuskliniek gezeten, toen ze net samen waren. Ze vonden het vreselijk, maar het was niet het goede moment. De pijn van het aborteren van hun kindje, de krampen van de abortuspil, oh nee.. ze wist; ‘Dat nooit meer’. Tegen alles in zou ze voor haarzelf en haar kindje kiezen. En dat is wat ze deed.

Een paar weken later ging het mis. Met spoed werd ze overgebracht naar het ziekenhuis waar ze zelf geboren was. Een kijk operatie en een curretage verder, ontwaakte ze trillend uit de narcose. Ze zou geen kinderen meer krijgen. Getraumatiseerd, en niet langer zwanger, keerde ze terug naar huis.  Er waren meerdere deuren voorgoed dicht gegaan.

Maanden, dagen, jaren, en het hier en nu, lopen even door elkaar als ze de envelop sluit en voor zich legt. Ze voelt zich verdrietig dat het ooit allemaal zo geëindigd is. Dat is haar straf voor die one night stand denkt ze sarcastisch. Ze pakt een oude doos met foto’s en ziet de jaren, die ze samen waren, door haar handen glijden. Hij kreeg haar altijd aan het lachen.  Ze vond het heerlijk hoe ondernemend hij was, en lief ook. Ze was nog zo idioot jong, en bijna twintig kilo zwaarder. Onzeker. Ze stapt nu een stuk lichter door het leven en lacht om de foto’s en om zichzelf. Hij zou haar niet eens meer kennen. Het was een vorig leven.

Ze pakt de foto’s en de envelop met zijn ring, en loopt naar beneden, naar buiten.  Heel even houdt ze haar adem in.. en steekt de straat over naar de ondergrondse afvalcontainer. Dan staat ze daar met lege handen. Ze heeft het eindelijk gedaan. Zijn ring weg gegooid. Er ontsnapt een zucht.

Ze doet de klep van de container naar beneden, en nu zelf, de laatste deur dicht.

De Gibbon

 

5546612

Een pilotenzonnebril. Maar dan niet zo’n moderne hippe met gekleurde weerspiegelende glazen, maar zo eentje die Tom Cruise droeg in Top Gun. Het is het eerste wat ze ziet. En haar blik blijft hem nog eventjes volgen, terwijl ze lui op een van de stoelen zit op het terras van de strandtent.Het is warm, en ze zit samen met een vriendin aan een verkoelend drankje, te kletsen en te kijken. Haar vriendin heeft haar hond mee genomen, die rustig, liggend aan hun voeten onder het tafeltje de schaduw heeft opgezocht. Er staat vandaag geen wind, het zijn alleen de mensen die de warmte weg zuchten.

Zijn haren zijn nonchalant in middellange lokken geknipt, en terwijl hij met zijn hand door zijn haar gaat, laat hij deze nog even rusten in zijn nek. Hij heeft iets kwetsbaars, en hij is knap. Met een vriend op pad zo te zien, en ze wandelen vanaf het strand hun kant op. Zijn vriend is een lange man, te bleek voor het seizoen van het jaar, maar een imposant postuur, en een brede gulle lach op zijn gezicht onder een kaal hoofd dat net iets teveel glimt. ‘Mooi kaal is niet lelijk, tenzij zijn hoofd glimt’  Lacht Ineke naar haar vriendin terwijl ze een knikje in de richting van de twee mannen geeft die langzaam dichterbij komen. De mannen komen aan het tafeltje naast hen te zitten. En Ineke spitst haar oren om te kunnen horen waar de mannen over in gesprek zijn. ‘Ze spreken Engels, waar zouden ze vandaan komen?’ Vraagt ze haar vriendin. ‘Nou, antwoord Faya, ‘is dat geen goed idee om te vragen dan?’ En Faya draait zich om en vraagt aan de kale man; ‘Where are you from?’Ineke schiet in de lach om het zware Nederlandse accent dat in het Engels van haar vriendin ligt. En Feisel die tot dan toe rustig onder de tafel lag, kijkt er ook van op.‘Nice dog’ is het antwoord. En Ineke zegt dat hij Feisel heet. De pilotenman roept Feisel bij zich, en Ineke kijkt naar hem terwijl hij de hond aanhaalt. Ze vind hem leuk. Het kriebelt in haar buik, en een licht gevoel stijgt naar haar hoofd. Hij lijkt het aan haar te kunnen zien, en knikt subtiel naar Ineke die dan de moed uit haar tenen haalt en vraagt; ‘Hoe heet je?’ Robert, maar ze noemen me Mally. Zijn vriend valt lachend in en roept; ‘Trap er niet in hoor meisje, we noemen hem onze aap! De gibbon!’

Faya maakt er meteen werk van en nodigd de twee uit om aan tafel te komen zitten.Helaas hebben ze daar geen tijd voor, maar tot Ineke’s grote verrassing nodigt Mally haar uit een keer wat te gaan drinken. Ze wisselen telefoonnummers uit en Ineke zakt terug in haar stoel terwijl de twee heren opstaan en weglopen.

‘Oh jee’, zegt Faya.. ‘Je bent verliefd!’ Ineke lacht, geloof je in liefde op het eerste gezicht?’

Ineke weet niet meer hoe hun eerste date ook alweer was gegaan, maar na die eerste ontmoeting hebben ze elkaar niet meer los gelaten. Als een blok viel ze voor zijn zachte gebaren, zijn lieve stem met dat grappige Engelse accent, en hij pakte haar in, door vreselijk lief voor haar te zijn, dan nam hij haar bij zich en praatten dan uren met elkaar, om vervolgens samen op zondag samen naar de benzinepomp te rijden om daar snoep in te slaan, zodat ze allebei lekker op de bank tegen elkaar aangekropen met al dat snoepgoed een thuisbioscoop maakten met hun favoriete films. Wanneer Mally door de week thuis kwam van zijn werk, inmiddels bij haar ingetrokken in haar appartement, maakte zij wat lekkers te eten en gingen daarna samen nog even op pad. Ergens wat drinken, naar de bioscoop, of gewoon een stuk rijden of wandelen. En er ging geen dag voorbij zonder dat er werd gevreeën. Allebei hevig verliefd als twee magneten tot elkaar aangetrokken.

Mally stelde haar voor aan zijn vrienden, zijn collega’s met wie hij bij een Nederlands autobedrijf werkte, en liet haar zijn werkplek zien, en zijn werk als autospuiter. Elke week als er een lading nieuwe auto’s de Rotterdamse havens werden ingevoerd werden alle laatste oneffenheden weggewerkt, door de auto panelen opnieuw te spuiten met verf, op te poetsen, en klaar te maken voor de definitieve verkoop op de Europese markt. Hij was trots op zijn vak. En hij glom al net zo van trots als zijn collega’s goedkeurend naar hem knikte als hij Ineke voorstelde aan hen.

In Engeland opgegroeid, was hij daar al jong vader geworden van twee zoons. Hij sprak over hen en hoeveel hij ze mistte. De tranen stonden dan in zijn ogen. Hij vertelde ook over de ruzies die hij met de moeder van zijn kinderen had, waarna het contact met haar en de kinderen verbroken werd. Het gezin waarin hij zelf was opgegroeid, functioneerde niet veel beter. Het had hem allemaal regelmatig tot wanhoop gedreven. Vanaf jonge leeftijd via de contacten van zijn vader jaren op een olieplatform gewerkt, en heen en weer gependeld tussen werken op zee en het noorden van Engeland, waar hij vandaan kwam. Om zijn kinderen te kunnen onderhouden, voordat zijn ex alle banden doorsneed. Daarna uiteindelijk gekozen om voor zichzelf een weg te banen in een nieuw vak, dat hem uiteindelijk naar Nederland bracht. Naar dat strand.. en nu naar haar.

Ineke zelf was ook niet zonder problemen opgegroeid, zonder moeder, en thuis in een gezin waarin ze vaak op zichzelf terug geworpen werd, was ook zij al vroeg uit huis gegaan in een poging op haar eigen twee benen te gaan staan. Ineke vond het nog weleens moeilijk, maar deed haar beste om overal het beste van te maken. Ze wilde gewoon haar hart kunnen volgen, en met Mally deed ze dat.

Maar Mally had een donkere kant. Waar ze al snel kennis mee zou gaan maken. Door zijn vrienden wordt hij speels ‘de gibbon’ genoemd, maar zij noemt hem Jackyll and Hyde..

Drie jaar verder, en vele waarschuwingen van Faya later, zit Ineke hyperventilerend op de vloer van haar badkamer met de deur op slot. Ineengedoken met haar handen voor haar gezicht durft ze amper te ademen, toch ademt ze, oncontroleerbaar op het ritme van haar hart dat uit haar borstkas naar haar keel is geschoten en in een snel tempo haar bloed door haar lichaam pompt terwijl ze zich niet lijkt te kunnen bewegen. Met haar ogen dichtgeknepen ziet ze de afgelopen drie jaar voorbijkomen, en voelt ze de koude tegelvloer onder haar billen wegzakken. Buiten de deur hoort ze hem lopen. Ze hoort hem schelden. Ze ziet hoe hij een biertje pakt, hoe zijn blik veranderd, hoe hij haar vragen stelt die nooit een goed antwoord hebben. Ze ziet hoe ze sust, om hem heen loopt, ze ziet zichzelf terwijl ze zichzelf is. Maar herkennen doet ze het niet. Opgelucht als hij de voordeur achter zich dicht trok, heeft ze hem ooit ook echt buitengesloten, waarna hij de ruiten intrapte en ze de politie belde.

Hij keerde altijd terug. Vol spijt, vol verdriet, en ze kon nooit boos blijven, haar hart lag al te veel overhoop en als hun ogen elkaar dan weer ontmoetten, zagen ze allebei hoop dat het antwoord dan toch nog in bereik lag. Maar het duurde nooit langer dan drie dagen. En altijd was er alcohol in het spel. Dan verdween zijn gevoelige blik, en maakte plaats voor een holle uitdrukking en zijn lichaam leek te verstijven. Dan kwamen de vragen, de jaloezie, en begon hij alles aan haar af te kraken. Steeds gemener. Hij lachte haar dan uit, dat zelfs haar eigen moeder haar niet wilde. Soms pikte ze het niet en zei ze er wat van. En dan kwam het weleens voor dat de ruzie echt escaleerde. Hij sloeg haar nooit, maar als hij heel dichtbij kwam duwde Ineke hem van zich af. Wanhopig hem tot rede brengend met alles dat ze in zich had, maar echt helpen deed het nooit voor lang. En ze werd steeds stiller. Er was inmiddels al zoveel meer gesneuveld dan alleen de ruit van de voordeur.

Een half jaar geleden hebben ze zijn familie opgezocht in Engeland. Het was kerst en voor het eerst sinds tijden was er al een tijdje niets meer voorgevallen. Dus Ineke durfde de reis wel aan. Ze durfde haar piekeren een beetje los te laten, en ondanks alles hield ze ontzettend veel van hem. En als het goed ging, was het ook echt heerlijk samen. Dan kon ze de angst even wegzetten, en was alles weer zoals toen. Toen het nog niet gebeurde. Ook al wist ze nu wel beter, ze brak liever haar hart door bij hem te zijn, want wie zou ze zijn zonder hem? Dat wist ze eigenlijk niet zo goed.  Voor de zekerheid zou zorgen dat ze wat extra geld achter de hand had, voor het geval dat. Maar Mally verzekerde haar dat het een hartelijk onthaal zou worden en hij overal voor zou zorgen. Hij beloofde haar niet te drinken. Ze hadden er samen veel over gesproken, en het erover eens dat het steeds door alcohol gebeurde dat er ruzie kwam.

Een paar weken daarna stapten ze op de boot naar Engeland. Mally hield zich aan zijn belofte en dronk geen druppel. Ze zouden er anderhalve week verblijven. Ineke had zin om iedereen te ontmoeten en te zien waar Mally was opgegroeid. Ondanks dat ze wist dat hij het er ook moeilijk had gehad. Eenmaal in Engeland logeerden ze bij zijn vader. Zijn vader was een grote brede man, een oud bokser, hardvochtig, en gek op zijn hond die op zijn beurt weer gek was op ballonnen. De moeder van Mally woonde in een klein huisje een stuk dichterbij de zee. Gorleston, net onder de rook van Great Yarmouth, een kleine plaats waar iedereen elkaar kent. Als ze met Mally de lokale pub in kwam werd hij overal lachend en warm als de gibbon onthaald zoals een lang verloren zoon van het dorp.

Ineke ontmoette zijn moeder en kon het meteen goed met haar vinden. Een lieve vrouw, maar ook een hele verdrietige vrouw die verlaten door de vader van Mally in het verleden bleef leven, en haar jongste zoon ontzettend gemist had. Twee oudere broers van Mally kwamen even gedag zeggen, en de meeste tijd brachten ze door in het huis van zijn zus. Zijn zus, trots op haar punk verleden, woonde hoogzwanger van haar tweede, en met haar kleine zoontje, een peuter nog, samen met Merv. Die Merv de perv werd genoemd en de wietdealer van het dorp was. Ineke voelde zich niet op haar gemak bij hen, en Merv bleef Mally steeds drank aanbieden ondanks dat Mally tegen zijn familie gezegd had dat hij gestopt was met drinken. Als ze samen s’avonds in bed lagen klaagde Mally dat hij Merv geen goede man vond voor zijn zus. Ineke was opgelucht dat Mally voet bij stuk hield. Na de eerste week, iedereen ontmoet te hebben, overal voorgesteld te zijn, kende Ineke inmiddels zelf de weg ook door het dorp. Dus toen Mally op een dag s’ochtends naar zijn zus vertrok, kon Ineke zelf een ochtend door het dorp en langs de winkeltjes wandelen en spraken ze af elkaar voor de lunch bij het huis van zijn zus te treffen.Toen ze daar aankwam hoorde ze de peuter huilen, de deur ging open en een wietlucht kwam haar tegemoet. De zus van Malcolm had een grote blauwe plek op haar wang, die ze weg lachte toen ze zag dat Ineke’s oog erop viel. Merv keek haar vervelend lang aan, maar het was vooral Mally die opvallend stil op de bank zat. ‘We gaan’ zei hij en pakte zijn jas, terwijl hij gedag zij en met Ineke vertrok. Buiten kon Mally zich niet lang inhouden en zijn houding werd vijandig. Merv had gezegd dat ze met hem geflirt had. Mally was woedend. Ineke wist niet wat ze hoorde, en wist dat ze als een kat in het nauw in de val zat nu het Merv gelukt was om Mally toch aan het drinken te krijgen. Gesterkt door het feit dat zij nu nergens naartoe kon, schold Mally haar uren uit, en overtuigde zijn vader ervan dat Ineke het in haar hoofd gehaald had met Merv te flirten en dat zijn zus haar wel in elkaar zou slaan. Ineke hoorde zijn vader lachen. Snel trok ze zich terug in de logeerkamer op de eerste verdieping. Vanachter de deur hoorde ze Mally tekeer gaan tegen zijn vader, die de kant van zijn zoon leek te kiezen. Ineke sloop de trap af naar de gang waar ze een gouden gids had zien liggen. Uit het zicht van de twee zocht ze het nummer op van een taxibedrijf en trok zich daarmee weer snel terug.

Ze hoorde Mally weg gaan, en ze wist dat zijn vader altijd in de keuken zat, dat aan de achterkant van het huis lag, en dus zag ze kans te vertrekken. Snel pakte ze haar spullen bij elkaar en belde een taxi. Muisstil sloop ze de trap af, die gelukkig bekleed was met vloerbedekking waardoor alle geluiden gedempt werden. De voordeur trok ze zachtjes achter zich dicht in de hoop de hond niet te alarmeren. Gelukt! Eenmaal buiten kwam de taxi er al aangereden en opgelucht stapte ze in. Zonder een echt plan, vroeg ze de chauffeur haar naar een hotel in de grotere stad Norwich te brengen. Vanaf daar zou ze wel verder kijken hoe ze thuis zou komen. Maar terug wilde ze niet.

Toen ze doorhadden dat Ineke verdwenen was, bleek het dorp te klein om lang geheim te houden waar ze naartoe gegaan was. Terwijl Ineke in haar hotelkamer genoot van de rust en haar beslissing om zelf te zorgen dat ze terug naar Nederland kwam, was Mally al onderweg naar haar toe. Drie uur na haar ontsnapping, gemaakt met haar gezonde verstand, stond Mally plots alsnog voor de deur van haar hotelkamer. Verslagen door haar mislukte poging liet ze zich overhalen met hem mee terug te gaan. Op voorwaarde dat ze hun vakantie daar de volgende dag zouden staken en terug gingen naar Nederland. Mally inmiddels weer nuchter maar erg geïrriteerd beloofde dat, en hij hield gelukkig woord. Tot grote ergernis van zijn familie vertrokken ze de volgende dag samen. Alleen zijn moeder leek het te begrijpen. Eenmaal in Nederland zouden elkaar daarna langere tijd niet meer zien.

‘Doe open!!’ Ineke kijkt naar de deur van haar badkamer. Ze zegt niets. Ze wil hier niet zijn. Ze hoort hoe hij op de deur bonkt, zijn stem dan weer vriendelijk en dan weer kwaad. Dan weer dicht bij dan weer ver weg. Hij zegt sorry.

Sorry, sorry, sorry. Het bonst in haar hoofd. Sorry, sorry, sorry..

Ze staat langzaam op en kijkt in de spiegel. Haar ademhaling oppervlakkig in haar borstkast. Ze herkent zichzelf niet. ‘Hij heeft me geslagen.. hij heeft me geslagen..’ verbijsterd kijkt ze zichzelf aan. ‘Hij heeft me geslagen. Wat moet ik doen? Wat moet ik doen?’ De deur kan niet open, ik kan er niet uit! 

Een half uur geleden wilde ze een pen van tafel pakken, Mally zat op de bank, hij was langs gekomen om te praten, en vlak voor het moment dat haar vingers de pen zouden raken sloeg hij haar hand weg. Geschrokken van zijn tik, en met pijnscheut door haar hand, keek ze hem aan, zijn blik pakte de hare en hij beet haar toe overal vanaf te blijven. Het was alsof alles even bevroor. Toen hij zag dat ze wilde reageren, maar nog voordat Ineke het zelf besefte, voelde ze een warme pijnlijke gloed door haar gezicht trekken. Het duizelde even, maar ze besefte ten volle wat er gebeurde, en rent langs hem weg naar de badkamer. Hij lacht haar uit, en roept dat ze zich toch niet kan verstoppen.

Ze laat zich tegen de muur vallen en glijd via de muur naar beneden. De paniek heeft plaats gemaakt voor een gecontroleerde ademhaling en ze staart strak voor zich uit. Haar hele wezen lijkt zich nu klaar te maken om deze situatie te willen overleven en al haar zintuigen staan op scherp. Ze luistert beter, hoort waar hij loopt, wat hij doet, hoe ver en hoe dichtbij hij is. Ineens beseft ze dat ze haar mobiele telefoon al die tijd al bij zich heeft. Dit keer belt ze de politie niet, maar een vriend.  ‘Ik heb NU hulp nodig, hij heeft me geslagen kom hem uit mijn huis halen!’ Ze hoort de paniek in haar eigen stem, en probeert uit alle macht te fluisteren. Ineke weet nog niet hoe ze bij de voordeur zal komen, maar ze spreken af dat als haar vriend voor de voordeur staat, hij haar eerst belt zodat ze weet dat hij er staat. Ineke zet haar telefoon op trillen. Het lijkt uren te duren maar binnen tien minuten trilt haar telefoon. Mally is stil. Ze weet niet waar hij nu is. ‘Shit, heeft hij haar gehoord?’

De badkamerdeur bevind zich drie meter bij de voordeur vandaan en haar woonkamer en keuken niet meer dan twee meter verderop. Plots hoort ze een keukenla opengaan, ‘NU!’ Ineke opent de deur en sprint naar de voordeur, die gelukkig niet op slot is gedaan, voor haar staat haar vriend, en achter haar verschijnt Mally. Terwijl Ineke langs haar goede vriend de galerij op rent, en zich daar verstopt, ziet ze hoe Mally hardhandig gedwongen haar huis verlaat. Ze voelt hoe haar hart breekt. Alsof ze hem tekort heeft gedaan. Er is niets dat nog klopt.

Maar het is allemaal voorbij.

 

(c) Wendert

 

Aan de haal met Frontaal

 

13151490_1150432888340528_7099990001476277705_n

 

Ik zit in een klein zaaltje, met oplopend, rijen van acht zachte, rode leren, oude, vliegtuigstoelen, waarvan het asbakje nog in de leuning verwerkt zit. Misschien zijn het bioscoopstoelen.. maar omdat hier de sfeer van fantasie hangt,vind ik dat ook ik er best mijn eigen verhaal van kan maken. Vliegtuigstoelen dus.

Ik zit ergens in de middelste rij, en kijk naar een klein podium waar twee brede, lage, houten stoelen op staan. Ze zijn bekleed met een diep bloedrode stof, en daarover behangen met een smalle loper met een oosterse print. Dat kan ook gewoon van IKEA zijn, maar dat klinkt gewoon niet zo leuk. In het hout zijn figuren gesneden, ik kan nog net de contouren waarnemen maar ik zit te ver weg om het goed te zien en ben te lui om mijn nieuwsgierigheid te bevredigen.

Ik besluit dat het de twee tronen zijn van het koninklijk paar uit Mongolië dat zich daar straks neer zal vlijen, zij hebben de beste plekken in ons vliegtuig. Gelukkig heb ik wel beenruimte. Of Mongolië een monarchie is maakt hier niet uit, het is allemaal fantasie, de plek waar wij oneindig onbegrensd zijn.

Op de stoelen liggen boeken. Ik ben wat later ingestapt dus ik kies een stoel zonder boek en hoop dat de stewardess straks niet de stoelnummers komt nakijken, ik heb mijn ticket voor de zekerheid bij de hand. Ik ben de enige met een hoed op, en een minischriftje en een pen op schoot.  Ik denk dat ik de boekbespreking heb gemist. Ik stel me voor dat we onderweg zijn, wij afgezanten van het koninklijk Mongolisch paar. Moet ik koninklijk met een hoofdletter schrijven? Van mezelf hoeft het niet, dus doe ik het ook niet. Aan het plafond hangen verlaagde boksen waaruit oude blues uit het verre diepe zuiden klinkt, alsof het rechtstreeks van een oude grammofoonplaat komt.

We vliegen dus naar het zuiden. Mooi, ik ben wel toe aan wat zon.

Terwijl ik schrijf zie ik amper of ik het wel terug zal kunnen lezen door het blauwe licht in de zaal die bijna dezelfde kleur heeft als de inkt van mijn pen. We zijn dus midden in de nacht vertrokken. De vlucht kostte maar zeven euro en iedereen neemt plaats. De koning zal elk moment beginnen met spreken. De mensen worden stiller. Is het vliegangst? 

Ik kijk op van mijn kleine schriftje en ik zie hem staan. Hij is langer dan ik had verwacht en heeft van dat lange haar waardoor je eerder verwacht dat het een ridder is. Op zijn kin tekent een dun lijntje af, en ik ben er bijna zeker van dat het een sikje is.Hij begroet ons warm en hartelijk en stelt ons voor aan de koningin.

Haar naam is Lotte Dodion en ze heeft een belangrijke mededeling voor onze reis. De bevelhebber Nicotine heeft zich uitgesproken en stelt belangrijke vragen over hoe we de reis ervaren. We glimlachen goedkeurend terwijl de koningin ons laat weten waarom we onderweg zijn, en waarom we zojuist vertrokken zijn. Iedereen heeft er een eigen mening over, en niemand maakt er ruzie over. Een verenigd konkrijk.

Het beloofd een veilige landing, dus applaudisseren we.

 

(c) Wendert

De hotelkeeper

Aan de overkant van het zwembad in de tuin van het hotel, loopt hij in zijn eentje voorbij.Amy staat op haar balkon, op de eerste en enige verdieping van het hotel en net aangekomen vanaf het vliegveld, nog wat na te zweten. Gegrepen door het temperatuurverschil van thuis met het mooie klimaat op Bali.

‘Wat is het hier mooi..’

Het ruikt muffig en zoet op straat, naar de warmte van de zon, het vocht van de zee en de offer bloemen voor de goden. Het groen komt rechtstreeks vanuit de jungle en de mensen verplaatsen zich vrij. Terwijl de locale bewoners heel hard aan het werk zijn, is er altijd een glimlach en tijd voor een praatje. De bloemen die niet opgeofferd zijn, maar in hun volle ornaat aan de bomen en struiken hangen waarin ze groeien, doen dat kleurrijk en vrolijk, net als de vogels die zorgen dat ze niet in de buurt komen van de grond.  En ze is de pijn in haar billen, van het zitten tijdens de lange vliegreis hier naartoe, alweer vergeten. Amy ademt nog eens diep in en kijkt langs de kamer tegenover haar beneden.

Hij ziet haar niet, maar hij valt haar wel op. Zijn wat magere postuur met zijn rossige haar, kort geknipt en door de war, in een wit t-shirt, een korte broek en zwarte slippers sloft hij met zijn telefoon in zijn hand. Ze volgt hem met haar ogen, hij is de eerste andere gast die ze ziet. De schuifdeuren van zijn kamer op de begane vloer staan wagenwijd open, ze ziet een zooitje kleren op de vloer, op zijn bed, en op het bureau verspreid.

Amy draait zich om, en loopt naar haar koffer, alles netjes geordend, hangt ze wat spullen weg in de kast van haar hotelkamer. En opent de deur van haar badkamer voor een eerste inspectie. ‘Gelukkig, ziet het er netjes uit.’ Er hangen schone handdoeken, wc papier, en gelukkig geen ongedierte. Ze zet haar toilettasje naast de wasbak neer. Het is de eerste keer dat ze op Bali is, en heeft geen idee wat ze kan verwachten. Toen ze het vliegveld uit liep naar haar shuttle bus naar het hotel had ze nog geen idee van de chaos van het Balinese verkeer, de vreemde geuren die haar tegemoet waren gekomen en de hoeveelheid mensen op straat. Het had haar een beetje overweldigd dus ze was blij zich nu even terug te kunnen trekken in de rust van het boutique hotel waar ze de komende twee weken zou verblijven. Het zwembad ziet er aanlokkelijk uit, maar het loopt al tegen achten en haar maag rammelt. Ze besluit een korte douche te nemen en daarna buiten op zoek te gaan naar iets om te eten.

Rowen stapt over de kleren in zijn kamer heen. Hij is hier nu al zes weken, en is in deze tijd aardig bekend geraakt met het wel en wee van het hotel. Het personeel noemen hem daarom ook wel de “Hotelkeeper”. Ook de zwerfkatten herkennen hem inmiddels als hij zijn koffie drinkt aan de ontbijttafel, of in een van de ligstoelen buiten naast het zwembad. Hij geeft ze altijd een beetje melk, voor dat de zon te warm wordt en het geen zin meer heeft. Dan stapt hij zelf over op Bintang. Een lekker biertje dat niet te zwaar valt. Hij is Australiër, maar woont daar al jaren niet meer. Hij runt een kapperszaak op Oost Timor in de stad Dili. Maar het is daar wat onrustig de laatste tijd en dan hebben expats het te verduren,dus is hij even uitgeweken naar het rustigere Bali. De zaak loopt wel door en hij houdt regelmatig telefonisch contact met zijn medewerkers. Hij houdt uit verveling in een boekje bij wie er allemaal al zijn gekomen en gegaan de afgelopen weken. Vandaag zijn er weer drie nieuwe gasten in het hotel bijgekomen. Een stel uit Australië, beiden vol tatoeages, viel hem op.

En een alleenstaande moeder met haar twaalf jarige zoon, ook uit Australië en een Nederlandse. Het kan Rowen, niet zoveel schelen wie er nu nieuw in het hotel zijn, veel geinteresseerder is hij in wat er gaande is bij die twee oudere dames bij hem aan de overkant. Die ziet hij elke dag met tassen sjouwen, inmiddels al drie weken lang, maar als zij hun schuifdeuren open hebben staan, is de ruime kamer strak opgeruimd, en lijkt het er niet eens op dat deze verhuurd is. ‘Waar blijven dan al die tassen?’ Een keer is hij achter de dames aan gelopen, maar hij kwam niet verder dan een praatje met de een terwijl de ander doorliep. Joan en Mary, heten ze, al jaren goede vriendinnen en beiden uit Australië. De voorouders van Mary komen uit Engeland, net als die van hem.

Amy staat de volgende ochtend al vroeg op haar balkon, er is nog niemand bij het zwembad dat ligt in het midden van de binnentuin, waar omheen alle kamers gebouwd zijn. Het geeft het hotel haar gemoedelijke sfeer, bovendien zijn er niet al te veel gasten. Tenminste ze heeft ze nog niet gezien. Snel glipt ze in een haar bikini en korte broek, en besluit ze een plekje langs het zwembad op te gaan zoeken. Een ontspannen start van haar dag, en pakt haar boek mee. Vanmiddag gaat ze de omgeving verkennen en natuurlijk op jacht naar een mooie sarong.

Beneden staan de ligbedden klaar. Het zijn mooie witleren ligbedden, met een bamboe tafeltje ernaast en rieten parasols. Ze legt haar handdoek neer, en trekt haar korte broek uit en gaat liggen. Pakt wat zonnebrand en smeert zich in. Het ontbijt heeft ze gemist, ze heeft uitgeslapen en voelt zich nog erg loom, de jet lag voelt ze als een kater hangen en terwijl de ochtendzon haar opgewarmd valt Amy in slaap.

Rowen heeft net zijn ontbijt genomen en een plaatselijk krantje meegepakt bij de receptie. Terwijl hij terugloopt naar zijn kamer, ziet hij haar liggen aan het zwembad. ‘Dat zal die Nederlandse zijn’ concludeert hij uit de lengte van haar benen en een stukje verder op, aan de overkant pakt hij een van de ligbedden en sleept het zodat hij voor zijn eigen kamer buiten in de zon kan gaan zitten. Het duurt niet lang voor hij het te warm heeft en zijn t-shirt uittrekt en het zwembad in duikt. Het water is lauw, maar toch verfrissend en hij besluit rustig wat baantjes te zwemmen. Daarbij de kamer van de twee oudere dames in de gaten houdend. De schuifdeuren zijn dicht. Hij heeft ze ook bij het ontbijt niet gezien. Nu valt zijn oog terug op de Nederlandse. Ze is niet zijn type maar heeft een leuke bikini aan, en hij ziet hoe haar lichaam ontspannen op het ligbed rust, hoe haar voeten lichtjes krommen en haar vingers ontspannen gevouwen het boek omarmen dat ze bij zich heeft.

Haar borsten vallen een beetje opzij, en haar mond staat een klein stukje open. Hij zwemt verder en voelt het water langs zijn onderbuik glijden waar het een lichte prikkeling achterlaat. Hij krijgt zin om te mastuberen. Hij pakt wat lucht mee en duikt onder in een poging het van zich af te zwemmen. Als hij boven komt en nog eens kijkt is ze weg.

Amy pakt haar zonnebril en zomerhoedje en kijkt of ze genoeg geld in haar tasje heeft om mee te nemen. Ze heeft een budget voor elke dag, zodat ze niet te veel geld uit geeft, en zin om erop uit te gaan. Het werd haar toch wat te warm aan het zwembad, dus is ze naar haar kamer terug gelopen om te douchen en zich klaar te maken om op pad te gaan. Eindelijk kan ze haar zomerse rokjes aan, waar het in Nederland vaak te koud voor is. Zeker nu, in maart, wanneer de late dagen van de winter Nederland nog vult met haar grijze koude wind en bijbehorende regen. Blij daar even van verlost te zijn pakt ze haar tas en sluit de deur van haar kamer. Achter de kamers langs loopt ze naar buiten, de straat op en de straatjes in.

Daar wemeld het van de kraampjes en winkeltjes vol houten beeldjes, kralen sieraden, bedrukte t- shirts, naambordjes, kinderkleren, asbakken, sleutelhangers, en bali souvenirs. Om de zoveel meter wordt ze uitgenodigd naar binnen te stappen, ze vind het wel grappig en zegt iedereen vrolijk gedag. Op het strand koopt ze een Bintang biertje en vlijt zich neer op een van de stoelen om naar de surfers te kijken die de hoge golven van de Indische oceaan trotseren. Amy wil hier ook graag duiken. De reuze schildpadden zien en het koraal. Er ligt een groot Amerikaans scheepswrak aan de andere kant van het eiland en ze heeft haar duiktrip ernaartoe al geboekt. Op het strand lopen vrouwen met hun handen vol sarongs. Zodra ze zit komt een van hen op haar afgelopen. Amy kiest een sarong met roze, blauw, geel een paarse kleuren. Ze is langer dan de gemiddelde vrouw en toerist, dus ze krijgt de sarong net om haar middel. Het staat nog leuk ook, tevreden geeft ze wat extra fooi aan de verkoopster.

Ze besluit in alle rust in het hotel te gaan eten, aan het zwembad kan dat gewoon en het is een prima moment om de drukte weer een beetje achter zich te laten, dus loopt ze terug.

Rowen heeft zijn laptop op schoot. Hij moet wat producten bestellen voor de zaak en gooit er meteen wat mailtjes uit. Hij zit aan een tafeltje op het terras van het hotel als hij de twee oudere dames ziet binnenkomen. Weer hebben ze een aantal witte ondoorzichtige tassen bij zich. Even later openen de schuifdeuren van hun kamer en gaan de dames langs het zwembad zitten praten met elkaar. Rowen besluit zijn laptop dicht te klappen en loopt naar hen toe. Mary herkent hem, en zegt hem vrolijk gedag terwijl ze een grapje maakt over hun gemeenschappelijke Engelse afkomst. Rowen biedt daarop beide dames wat te drinken aan, die hem vervolgens hartelijk uitnodigen om bij hen te gaan zitten. Het blijkt dat hij hun ook niet onopgemerkt is gebleven. En Joan vraagt hem dan ook hoe het komt dat hij altijd alleen is? Rowen haalt zijn schouders op. Hij vertelt dat hij geen tijd heeft om echt een relatie te hebben, ook omdat hij nu op Oost Timor woont en daarvoor altijd veel gereisd heeft, dus nooit gesettled is. Blij met deze opening vraagt Rowne hen wat hem zo nieuwsgierig heeft gemaakt naar hen. ‘Al die tassen?, waar zijn die voor?’

De dames nemen Rowen in de maling als ze uitvoerig beschrijven hoe ze heimelijk allerlei soorten drugs over het eiland smokkelen, en ze lachen hartelijk om het idee. Iedereen weet dat daar op Bali de doodstraf op staat, ook al staat er in het regelement van het hotel,  met de slechte Engelse vertaling, dat gasten vooral aangeraden worden drugs te smokkelen. Nog voor echt antwoord te geven op zijn vraag wijst Mary naar de jongedame die zojuist is binnen komen wandelen in een prachtige kleurrijke sarong. ‘Heb je haar al ontmoet?’ Knipoogt de oude vrouw. Rowen lacht om de afleidings manoeuvre en neemt nog een slokje van zijn biertje.

Als Amy later die week op een avond met een of andere cocktail, en haar voeten hangend in het water van het zwembad een beetje om zich heen zit te kijken, loopt Rowen voorbij. Ze is hier nu al een week en hij loopt altijd alleen, bedenkt ze zich.

‘Hey!  Rowen kijkt om, en ze zwaait naar hem. Niet zeker van zijn zaak loopt hij verder, maar Amy roept naar hem. ‘Sorry?” Zegt Rowen. ‘Kom je gezellig een praatje maken of blijf je liever alleen?” Roept Amy hem toe.  Terwijl hij lacht ziet Amy dat hij een beugel heeft, dat was haar nog niet opgevallen, hij is omgedraaid en onderweg naar haar toe.

Ineens zitten ze naast elkaar. Om het ijs te breken zegt Amy ‘Heb je die twee oudere dames met die tassen al gezien?’

 

(c) Wendert

De hordeloper

 

Haar bruine houten hoteldeur viel in het slot, en het was te vroeg voor de meeste andere hotelgasten om zich naar het hotel restaurant beneden op de begane vloer te bewegen voor het ontbijt.

Dus stond ze alleen, omringt door haar eigen spiegelbeeld, in de lift.

Ze bekeek zichzelf, in een nauwomsluitende grijze kokerrok met een bijdehand shirtje erop waarop geprint stond: ‘Property of nobody’. Ze kocht het shirtje met een grote grijns omdat ze het zo toepasselijk vond. Ze was inderdaad van niemand.

De relatie met haar ex bestond alleen nog in een verleden waar ze niet meer aan terug wilde denken. Ze zouden trouwen, de locatie in Zuid Europa was al besproken, en er zou een heel dorp voor uitgenodigd worden. Maar het was niet wat ze wilde, het was niet wat ze kon. ‘La bella figura’, een mooie manier om te zeggen dat je vooral indruk op anderen wilt maken, was simpelweg niet iets dat bij haar past. Ze wilde iets dat echt zou zijn, een huwelijk dat langer zou duren dan de schone schijn waarmee het omgeven zou zijn.

Dus na een vakantie in Azië waar ze zichzelf op het balkon flirtend met een of andere Australier aan de overkant vond, besloot ze, dat eenmaal thuis, ze vooral trouw zou beloven aan zichzelf. Ze woonde inmiddels al niet meer samen, de stap zou klein zijn.Toch had ze in het half jaar daarop de eenzaamheid gevoeld die het hart onverbiddelijk laat gelden wanneer je een relatie op basis van je gezonde verstand verbreken moet. De lift gleed de zeven verdiepingen naar beneden en ze verheugde zich op een mooie dag in de stad van haar hart.

Valencia.

De ontbijtzaal was bijna leeg, maar het buffet stond al vol met allerlei taartjes, broodjes, drankjes, yogherts, vruchten, vleeswaren en eieren. Ze besloot wat meloen te nemen, een verse koffie, en een broodje ei. Het stukje taart dat ze meepakte verdween in een servet gevouwen in haar handtas. Daar zou ze later tijdens haar uitstapje nog dankbaar voor zijn.

Ze koos een tafeltje achteraf en ging zitten.

Uit haar tas haalde ze haar leren gebonden dagboek dat haar op al haar reizen vergezelde, en ze begon de planning van haar dag te beschrijven en bladerde wat heen en weer tussen de verschillende bestemming van de afgelopen jaren. Ze reisde altijd alleen. Inmiddels alweer een jaar of vijf. En dat beviel haar erg. De vrijheid om met elke ontstane nieuwsgierigheid mee te gaan was onweerstaanbaar voor haar geworden, zelfs al maakte ze altijd een planning.

Aan het tafeltje tegenover haar schuiven vier heren aan. Een blanke man met een wat ruig uiterlijk, een jonge jongen, misschien ergens uit het verre oosten? En twee donkere mannen. De een leek haar een Afrikaan, klein van stuk, en een diepdonkere tint, de ander was vooral lang en niet zo heel donker. Een bont gezelschap zo concludeerde ze en sloeg er verder geen acht op. Het laatste wat ze wilde was de aandacht trekken van mannen.

En over een paar uur zou ze aan boord gaan van een van de schepen van Trasmediterana richting Ibiza om daar een paar dagen door te brengen bij kennissen.

Hij moest vandaag vroeg bij de atheletiekbaan zijn die in ‘La Turia’ ligt. De drooggelegde rivier die dwars door Valencia stroomde tot aan de zee, en tegenwoordig een stadspark vormt. Het was het derde jaar dat de Koning van Saudie Arabië zijn atlethisch team naar verschillende delen van Europa zondt om ze daar in betere omstandgheden dan de droge hitte van zijn land te laten trainen. Een eigen Olympisch team is wat de Koning wil. En zijn zoon, de Prins, heeft de vrijheid gekregen om de mensen bij elkaar te brengen die dit moeten gaan waarmaken.

Drie jaar geleden was een goede vriend, die net als hij, een oud olympisch atleet is, maar dan in een andere discipline, in Duitsland aan het werk gegaan als coach, en via dat netwerk Xavier voorgesteld om te gaan coachen in Saudie Arabië. Hijzelf was ooit wereldrecordhouder geweest. Hoorde bij de Olympische top. Sindsdien reisde hij de hele wereld over om jonge atleten te trainen, te coachen en zijn kennis over te dragen. Vanuit zijn jeugd, opgegroeid in Compton, Los Angeles, had hij dit leven nooit durven dromen.  Wanneer hij na een intens seizoen weer eens neerstreek in zijn geboortestad, kon hij zich via zijn contacten profileren als personal trainer voor bekend Amerika en hun bodyguards. Hij mist het normale leven, dat hij met zijn vrouw in Parijs deelde een paar weken per jaar, maar hij houdt van zijn werk en gelukkig staat zij achter zijn keuzes ook al hebben ze een dochtertje en wankelt hun huwelijk sinds hij het merendeel van het jaar afwezig is. Vorig jaar hebben ze geprobeerd hun levens te verenigen, en kwam zijn vrouw met hun dochtertje naar Saudi Arabië, maar het werken voor de Koninklijke familie is grillig, en ze verweet hem al gauw dat hij haar daar ook in de steek liet. Dus keerde ze terug naar Parijs.

Op zijn ontbijtbord liggen vier eieren en wat bacon, hij drinkt geen koffie en snapt de Europese obsessie met dit drankje ook niet. Hij drinkt liever grapefruitsap. Naast hem zit een Australiër, een van de managers, en Tee net als hij, oud- atleet en nu coach. En een van hun jonge atleten is er vanmorgen bij komen zitten.Aan het tafeltje tegenover hem zit een vrouw, in haar eentje, in een boekje te bladeren, en hij ziet hoe ze stiekem een stukje taart in haar tas wegmoffelt. Het fascineert hem dat ze dat doet. Met een half oor naar de gesprekken bij hem aan tafel ziet hij vanuit zijn ooghoeken hoe de vrouw opstaat. Hij houdt ervan om mensen te observeren.

Ze is, net als hij, lang. En de manier waarop ze beweegt bevalt hem.

Hij kan aan haar benen en armen zien dat ze sportief moet zijn, en ze heeft opvallende handen, lange vingers. Haar haren opgestoken met een spelt die het rommelig bij elkaar houdt, maar het is bijna sensueel. De kokerrok tekent haar figuur mooi af, al weet hij niet wat hij van het shirtje moet vinden. Hij wil weten waarom ze alleen is, en terwijl hij haar uit de foyer naar buiten ziet lopen, loopt hij naar de kelner van het ontbijt buffet die de kamerlijst aftekent van de gasten die komen eten, en vraagt hem naar haar naam.

‘Señor, dat soort informatie geven wij niet door..’ Maar Xavier laat zich niet afschepen en vraagt de Kelner of hij weleens een vrouw heeft gezien die hij simpelweg MOET leren kennen? De spanjaard lacht, en laat Xavier op het formulier kijken.

 Haar kamer ligt op dezelfde verdieping waar hij met Tee een kamer deelt.

Xavier loopt naar de receptie in de foyer waar hij vraagt naar de verblijfsduur van de vrouw die nu zijn volle aandacht heeft.

‘Ze is de komende dagen afwezig meneer, een tussenverblijf op Ibiza, ze is zojuist vertrokken’.

De boot doet er maar zes uur over, en door de snelheid waait het enorm aan dek. Verwoedde pogingen om een sigaret aan te steken leiden tot niets, en met een meewarige glimlach kijkt ze een medepassagiere aan die op eenzelfde manier als zij staat te worstelen. Gelukkig doet haar aansteker het wel, en terwijl ze elkaar uit de wind houden steekt eerst zij en dan Edina haar sigaret aan. Tevreden inhaleert ze de rook van haar sigaret terwijl de wind haar haren, uit de speld die het vanmorgen nog bijelkaar hield, lijkt te willen blazen.

Losse plukken wapperen voor haar ogen en komen steeds net niet in het uiteinde van haar brandende sigaret terecht.

Het kan haar niet zoveel schelen, ze voelt zich vrij en kijkt hoe de boot het mooie eiland Ibiza steeds verder achterlaat. Ze heeft er maar een paar dagen door gebracht op het nabij gelegen eiland Formentera. Ze heeft er rond gereden op een scootertje, genoten van een van de mooiste stranden van Europa, met het witte zand en de lichtblauwe heldere zee die je eerder verwacht bij verre tropische eilanden. Waar de poseidon wild groeit, die het water zuiver houdt, en de geur van het eiland naar vrijheiden van hippies ruikt. Het is een paradijsje, dat eiland, en nergens vind je een sfeer die meer relaxed is, maar het is het eiland van haar ex, en het verblijf bij zijn kennissen was een beetje tegengevallen, en dus heeft ze erg veel zin in haar terugkeer naar Valencia. Daar voelt ze dat de stad een deel van haar is, ze komt tot rust in de bekende straten en dat prachtige park waar ze zo van houdt.

De volgende dag laat ze de kans niet schieten om via La Turia naar het oude centrum van Valencia te wandelen. Ze struint langs winkels, bezoekt de kapper, en zoekt de oude wijk waar ze ooit woonde op, en laat zich vullen met de nostalgie van het ongekende lef dat ze eens had alles achter te laten en zich in een avontuur te storten.. Voor ze het weet heeft ze een hele dag gewandeld, en haar benen beginnen te klagen dat ze rustiger aan willen doen, dus pakt ze een taxi terug naar haar hotel. Tegenover het hotel ligt een sportschool, ze wipt nog even snel naar binnen om te vragen of ze daar een aantal dagen kan sporten. Helaas ziet de eigenaar van de sportschool de kans om een ‘guiri’ uit te buiten en vraagt een belachelijk bedrag voor een dagkaart, dus zit fitnessen er deze vakantie niet in. Het hotel zelf heeft geen sportvoorzieningen, maar wel een zwembad op het dak, en dat is op de zeventiende verdieping dus dan kan ze toch nog sportief naar het zwembad besluit ze.

Na zich kort opgefrist te hebben op haar kamer, sluit ze de dag af door beneden een wijntje te gaan drinken en een sigaretje te roken. Edina pakt haar dagboek erbij en begint te schrijven over Formentera en de reis terug.

‘Excuse me? I hope not to disturb, but I wonder if you might be able to help?’

Voor haar staat en lange knappe, naar zijn accent luisterende.. Amerikaan.

‘Oh, Hello, are you American?’ Flapt ze eruit.

Zijn brede glimlach heeft iets vertrouwds, en hij bevestigd haar vermoeden.

Hij stelt zich kort aan haar voor, en vraagt of zij misschien weet hoe hij vanuit Valencia naar Ibiza zou kunnen reizen? Edina kan nog maar net haar verbazing verbergen terwijl ze hem binnen een pen en papier laat halen zodat ze de gegevens van de maatschappij kan laten opschrijven die hij nodig heeft om een overtocht te boeken. Ze kijkt hem na terwijl hij naar binnen loopt. ‘Zou hij..? Nee, dat kan hij toch helemaal niet weten..’

Even kijken ze elkaar aan.

Xavier verteld dat hij ook gast in het hotel is, en Edina hoort zichzelf aan hem voorstellen een andere avond wellicht eens een wijntje te drinken, maar dat ze het voor deze avond wel gezien heeft. Ze laat Xavier achter met het papiertje en stapt in de lift. Tijd om te gaan slapen, de Spaanse zon heeft haar moe gemaakt.

Xavier blijft op het terras achter.‘Is hij te ver gegaan?’ Hij vraagt het zichzelf af. En laat zijn gedachten gaan over het voorstel een wijntje te drinken met deze vrouw. Met Edina.

Het is paar maanden geleden dat hij zijn vrouw voor het laatst zag, en er was sprake van willen scheiden, het was al net zo lang geleden dat ze met elkaar gevreën hadden, en er was al een hele lange tijd slecht contact. Zijn wereld, al reisde hij de halve wereld over, bestond uit trainingen, hotels, en de jongens en mannen met wie hij werkt. Xavier vermande zichzelf, en sprak zichzelf toe dat hij het zichzelf niet zo moeilijk moest maken. Een praatje maken, daar is niets mis mee. Bovendien, toen Edina hem aankeek, was er iets dat meteen goed voelde. En als ze echt een wijntje met hem wilde drinken, zou hij zich als een heer gedragen.

De volgende ochtend keek verscheen Edina niet in de ontbijtzaal, en terwijl Xavier zijn werkdag startte bleef er een licht gevoel van teleurstelling bij hem knagen. Edina had uitgeslapen, en was daarna met een Spaanse vriend op pad gegaan naar het achterland van Valencia, waar de heuvels een op echte bergen lijken en kleine dorpjes en watervallen je verassen.  David was een schat, een mooie Spaanse man, met een zoontje waar hij overduidelijk verknocht aan is, en galant genoeg om haar mee te nemen de natuur in, de omgeving door, en haar overal uitleg te geven en verhalen te vertellen over het leven van de Spanjaarden.

 Edina genoot, van zijn gezelschap, zijn verhalen, en na een lange gezellige dag van rondrijden, wandelen, horacha drinken en vis eten aan het strand, bracht hij haar keurig terug naar het hotel, waar ze hem een kus gaf en een welgemeende knuffel om hem te bedanken voor een heerlijke dag.

David wilde dat hij kon blijven, maar moest naar zijn zoontje toe, en Edina bedacht hoe mooi het zou zijn als zij verliefd op elkaar zouden worden. David was zo’n schat. Maar David had zijn hart nog vol van zijn mooie Albanese ex vriendin, en eigenlijk kon het Edina niet zoveel doen allemaal. Bovendien had ze geen zin om er meer van te maken met iemand, zelfs niet voor een nacht.

Xavier stond wat te dollen met Tee in hun hotelkamer, toen hij even uit het raam keek zag hij Edina beneden met David uit de auto stappen. ‘Ze is terug!’ flitste het door zijn hoofd. Verbaasd over zijn eigen gedachten ging hij op zijn bed zitten om meteen weer terug te lopen naar het raam. Even twijfelde hij.. Zou hij naar beneden gaan? Was dat haar vriend? Tee keek hem verbaasd aan. ‘Stil, stil.. Xavier maande zijn collega en vriend geen geluid te maken terwijl hij hun hoteldeur op een kiertje opende. Hij wachtte even af terwijl hij de gang in keek richting de deur van haar kamer. Opgelucht zag hij dat ze alleen de deur achter zich sloot.

Edina stapte in haar kamer uit haar kleren en zette de kraan van de douche alvast aan. Toen ze richting de badkamer liep zag ze een wit papiertje bij haar deur liggen. Ze raapte het op en er stond een vlinder op getekend, op de achterkant stond geschreven; ‘Morgenavond een wijntje in de lobby?’  ‘De Amerikaan..’ schoot het door haar heen. En ze wist niet zeker hoe hij wist dat dit haar hotelkamer was. Het gaf haar een ongemakkelijk gevoel, toch wist ze dat ze op de uitnodiging in zou gaan.  Ze vond het ook wel grappig. Wat kon het haar ook schelen, een avond gezelschap, dat was ook wel gezellig.

De volgende ochtend stapte ze de lift uit, toen Xavier net de ontbijtzaal inliep. Ze zag hem lopen, en voelde zich raar zenuwachtig dus besloot ze in de stad te gaan ontbijten en Xavier deze ochtend te ontwijken. Hij had haar niet gezien, en terwijl hij zijn grapefruitsap wegdronk hoopte hij dat ze de ontbijtzaal in zou komen lopen. Maar ook deze ochtend verscheen ze niet. Na zijn ontbijt liep hij met zijn atleten naar het park, en vroeg zich af of ze vanavond wel in de lobby zou zijn.

Edina liep door het winkelcentrum El Saler aan de rand van Valencia, kocht er een leuk jurkje, knielengte, van spijkerstof, stijlvol en volgens de laatste mode. Ze kocht het omdat ze s’avonds in de lobby er goed uit wilde zien. Toen ze terug kwam, besloot ze in het hotel het zwembad op te gaan zoeken.  Daar trof ze Xavier aan, die instructies stond te geven aan wat jongens die hevig spartelend in het zwembad lagen. Xavier knikte vriendelijk naar haar terwijl ze haar boek uit haar tas pakte en een van de ligbedden voorzag van haar handdoek.

‘Hey..’

Op haar gezicht verscheen een glimlach, terwijl ze in het zijne, haar lach beantwoord zag worden.

‘How about that drink tonight?’ Vroeg hij haar. ‘Eight o’clock?’ antwoordde ze sneller dan ze wilde. En hij knikte bevestigend terwijl hij wegliep en zich weer bij zijn jongens voegde. Edina zette haar zonnebril op en bekeek zijn brede torso. ‘Man, wat is die kerel knap..’ dacht ze terwijl ze hem nakeek. Ze lachte om haar eigen situatie. Het leek wel een romannetje.

Nog voordat Xavier klaar was met het geven van de training, was Edina het water al in en uit geweest, en na wat zon gepakt te hebben terug gegaan naar haar kamer. Hij had gezien hoe ze het zwembad in dook, en het broekje van haar bikini goed trok nadat ze via het trappetje uit het zwembad geklommen was.

‘You’re late’. Xavier nogal punctueel van aard, flapte het eruit voordat hij er erg in had. Edina grinnikte, want ze wist dat ze hem had laten wachten.

‘Sorry’.. en ze hield haar hoofd een beetje scheef om haar verontschuldiging meer uitdrukking te geven. ‘Mm.. forgiven..’ Mopperde Xavier, terwijl er een lach op zijn lippen sluimerde.

De avonden in Valencia zijn halverwege September zacht, en dus liepen ze door naar buiten, waar de serveerster hun bestelling kwam opnemen.

Terwijl de serveerster terug kwam om de twee rode wijn op tafel te zetten waren Xavier en Edina al helemaal in gesprek met elkaar. Woorden vloeiden zoals tussen twee oude vrienden die elkaar al heel lang niet meer gezien hebben, maar bij weerzien verder gaan alsof ze elkaar niet uit het oog zijn verloren.

Toen een aantal jongens, uit het team van Xavier grapjes wilden komen maken bij hun coach, liet hij hen niet te miskennen verstaan dat de coach niet beschikbaar was en zich wilde wijden aan zijn prive tijd.

Edina, verbaasd over zijn houding, vroeg hem zijn reactie uit te leggen. En Xavier vertelde dat hij gewoon even los wilde zijn van zijn dagelijkse bezigheden, en zijn tijd even niet wilde hoeven delen met mensen die hij al hele dagen om zich heen had.

Edina bekeek hem terwijl hij met haar praatte. Zijn handen in verhouding kleiner dan past bij zijn lange lijf, met zijn brede schouders en bijna kinderlijk gezicht, en een mooie mond waaruit een zelfverzekerde stem sprak.

Intimiderend, de charme die ervanuit ging.

Ze spraken over Valencia, haar werk, haar vakantie, Ibiza, zijn werk, het leven in Amerika, sporten, voeding, gekke Amerikaanse woorden, ze hadden gelachen om het woord ‘smooch’ wat gewoon ‘een kus’ betekend maar zo klef klinkt. Ze hadden zich verwonderd over de Spaanse taal, en Edina vertelde Xavier over Nederlandse gebruiken. De uren vlogen voorbij. Pas zeven uur later waren ze uitgepraat, maar alleen doordat de vermoeidheid van de dag hen inhaalde, en het tijd werd om te gaan slapen. Morgen, besloten ze, een wandeling te maken door de stad. Gezellig, en samen namen ze de lift omhoog.

Xavier stapte op dezelfde verdieping uit. Ongemakkelijk en ervanuit gaande dat hij voortvarend tot allerlei conclusies gekomen was, beet ze hem met een schuin oog toe; ‘I dont know where YOU are going,but this is MY floor and I am going to sleep now.’ Xavier schoot in de lach, terwijl ze de lift uitliepen de gang op. ‘Girl!’ My room is two doors down from yours! Edina schaamde zich nu over haar eigen voortvarende conclusie, terwijl ze stopte bij haar hoteldeur en hem lachend gedag zwaaide met ‘Goodnight, thanks!’

De ontbijtzaal zat vol met nieuwe hotelgasten. Xavier begroette haar toen ze binnen kwam lopen, en terwijl zij een tafel uitkoos, vroeg hij of hij bij haar mocht komen zitten.Vandaag zou een mooie dag worden, en Xavier was, net als Edina, in een vrolijke bui.‘Oke, so tonight we go for a walk?’ vroeg hij. ‘Yes, lets do a walk and talk, we’ll grab a bite on our way, or have dinner somewhere..’ Antwoordde Edina. Vluchtig excuseerde Xavier zich, een man gebaarde naar hem, hij moest zich weer bij zijn team voegen, zijn dag starten in het park. Ook Edina bleef niet lang zitten en zocht het zwembad op.

Die middag troffen ze elkaar in de hotel lobby, Edina begreep niet waarom ze zo zenuwachtig van hem was geweest, ze voelde zich compleet op haar gemak bij Xavier. Hij pakte haar hand en realiseerde zich dat hij zich thuis voelde bij haar. Alsof twee mensen elkaar ergens onderweg gevonden hadden. En alles leek te kloppen.

Tijdens hun ‘walk and talk’ liet Edina een ander park in de stad zien. Waar hele oude bomen staan die een en al uit wortels lijken te bestaan. Xavier vertelde over zijn familie, zijn moeder, zijn jeugd in Compton, en Edina liet wat los over hoe zij opgroeide in een jeugd zonder moeder, waarop hij vertelde dat hij zijn vader pas heel laat had leren kennen. Samen wandelden ze door het historische centrum van de stad waar, dan hij, dan weer zij wat over de stad vertelden en samen ondekten dat ze beiden gek waren op de streetart, die in Valencia tot kunstvorm wordt verheven. Ondanks dat hun dagelijks leven enorm van elkaar verschillen, vinden ze ook veel overeenkomsten bij elkaar. Pas laat in de avond keerden ze terug naar het hotel, waar de eerste frisse wind van de maand, het buiten zitten op het hotelterras, dat altijd open leek, niet langer comfortabel maakte, dus besloten ze samen naar binnen te gaan. Xavier speelde, in een project van een vriend, een rol in een Amerikaanse webserie waar hij zelfs een prijs voor beste acteur voor had gekregen. Met zijn computer en de wifi op de kamer van Edina kropen ze samen op bed om de serie te kijken.

Het was vreemd om hem in een andere rol te zien. De gangsten die hij in de webserie speelde, leek in niets op de man naast haar.  Na het kijken van de serie, stond Xavier op om terug te gaan naar zijn eigen kamer. Edina liep met hem mee naar haar deur om hem uit te laten.. en vroeg.. ;  ‘So.. how do Americans do a smooch again?’  Xavier lacht en geeft haar een smooch op haar mond. Een korte, vriendelijke kus. Ze wensen elkaar een goede nacht en Xavier loopt naar zijn kamer, en Edina stond nog even stil achter haar gesloten deur terwijl ze zichzelf in de passpiegel van het smalle gangetje bekeek. Net toen ze aanstalte maakte om naar haar bed te gaan, werd er op de deur geklopt. Edina deed open. Er werd niets gezegd. Xavier stapte naar haar toe. Ze keken elkaar even aan, bijna alsof ze beiden voor een beslissend moment stonden.

De kus die volgde was oprecht en zacht.

Maar Xavier sliep die nacht slecht. Hij had gevoelens gekregen, en daar was niets onschuldigs aan. Was hij te ver gegaan? Was zijn huwelijk niet al stuk? Edina had hem gevraagd of hij kinderen had, hij was tweeënveertig jaar, en Edina zevenendertig, het was een logische vraag om te stellen gezien de leeftijden. Hij had geantwoord dat hij geen kinderen had. En zij had gezegd dat hij vast een goede vader zou zijn. Het deed pijn. Hij had gelogen. In plaats van zijn waarheid had hij over de anderen verteld die wel kinderen hadden en dat zij hun kinderen altijd missen. Maar hij had niet over zijn eigen dochter gesproken.

Edina lag in bed en voelde zich lichtjes zweven. Snel bracht ze zichzelf terug naar de aarde. ‘Dien, je gaat hier niet verliefd zitten worden.’ Sprak ze zichzelf streng toe. Ze wist dat ze nog maar vier dagen in Valencia zou zijn, en dat hij daarna ook weer door zou reizen, via Frankfurt terug naar Saudi Arabië en daarna door naar de Verenigde Staten. Er is geen ruimte voor, hield ze zich voor. Ze zou naar huis gaan en hem vergeten. Edina ontliep Xavier de dag daarop. Ze wilde niet verliefd worden, maar bij het zwembad kwamen ze elkaar later in de middag toch weer tegen. Xavier stond te praten met de aanwezige badmeester, en voegde zich daarna bij haar. Ook nu lieten ze elkaar niet los, en het voelde alsof het ook nooit anders geweest was. Xavier trainde elke middag met zijn team bij het zwembad. En Edina schreef in haar dagboek terwijl de zon haar huid verwamde en van een zomerse kleur voorzag.  Af en toe dook ze het zwembad in, waar Xavier haar dan opwachtte en ze samen speelden wie het langst onder water kon blijven, of om elkaar en onder elkaar heen zwommen .

Xavier voelde zich jaloers als ze met iemand anders in gesprek raakte, en Edina voelde zijn jaloezie en plaagde hem ermee. Zijn collega zei dat hij het leuk vond om ze samen te zien, omdat hij de blik herkende tussen hen, zoals hij die zelf ook deelde met zijn vrouw. Xavier trok Edina dichter naar zich toe. En ze sloeg haar armen om hem heen en rook stiekem in zijn nek. Ze hield van zijn geur. En hij hield van de manier waarop ze de ruimte in zijn hart vulde met lucht.  Xavier wilde het moment vasthouden, zoals hij haar vast hield. Die avond bleven ze samen. Begeerte hing in de lucht. Hij verzorgde de blaren die ze tijdens het wandelen op haar voeten had opgelopen, en masseerde haar kuiten. Hij sloeg beleefd delen over die intiemer waren en zorgde met zijn massage dat ze haar adem weer vond en zich ontspande. Hij kwam rustig naast haar liggen en ze kroop in zijn borstkast. Ze zoenden.. eerst rustig en beheerst, maar alle beheersing ging verloren toen de zoenen steeds passioneler werden en beiden hun gevoelens de vrije loop lieten. Zonder elkaar ooit eerder op deze manier aangeraakt te hebben, kwam elke beweging bij elkaar overeen, alsof twee lichamen elkaar opzochten die elkaar al lang kenden, en twee ogen bleven verbonden met elkaar, waarbij het onuitgesprokene toch werd gezegd.

En die avond hield hij haar vast tot het ochtend werd. Edina kroop bij hem in hun volledige acceptatie van elkaar.

 

Edina ontliep Xavier de dag daarop. Ze wilde niet verliefd worden, maar bij het zwembad kwamen ze elkaar later in de middag toch weer tegen.

Xavier stond te praten met de aanwezige badmeester, en voegde zich daarna bij haar. Ook nu lieten ze elkaar niet los, en het voelde alsof het ook nooit anders geweest was. Xavier trainde elke middag met zijn team bij het zwembad. En Edina schreef in haar dagboek terwijl de zon haar huid verwamde en van een zomerse kleur voorzag.  Af en toe dook ze het zwembad in, waar Xavier haar dan opwachtte en ze samen speelden wie het langst onder water kon blijven, of om elkaar en onder elkaar heen zwommen. Xavier voelde zich jaloers als ze met iemand anders in gesprek raakte, en Edina voelde zijn jaloezie en plaagde hem ermee. Zijn collega zei dat hij het leuk vond om ze samen te zien, omdat hij de blik herkende tussen hen, zoals hij die zelf ook deelde met zijn vrouw. Xavier trok Edina dichter naar zich toe. En ze sloeg haar armen om hem heen en rook stiekem in zijn nek. Ze hield van zijn geur. En hij hield van de manier waarop ze de ruimte in zijn hart vulde met lucht.

Xavier wilde het moment vasthouden, zoals hij haar vast hield. Die avond bleven ze samen. Begeerte hing in de lucht.

Die avond kwam hij bij haar, en samen zochten ze de rust van haar hotelkamer op.

Zittend op de rand van haar bed verzorgde hij de blaren die ze tijdens het wandelen op haar voeten had opgelopen, en masseerde haar kuiten. Hij sloeg beleefd delen over die intiemer waren en zorgde met zijn massage dat ze haar adem weer vond en zich ontspande. Hij kwam rustig naast haar liggen en ze kroop in zijn borstkast. Ze zoenden.. eerst rustig en beheerst, maar alle beheersing ging verloren toen de zoenen steeds passioneler werden en beiden hun gevoelens de vrije loop lieten. Zonder elkaar ooit eerder op deze manier aangeraakt te hebben, kwam elke beweging bij elkaar overeen, alsof twee lichamen elkaar opzochten die elkaar al lang kenden, en twee ogen bleven verbonden met elkaar, waarbij het onuitgesprokene toch werd gezegd.

Die avond hield hij haar vast tot het ochtend werd. Edina kroop dicht tegen hem aan,  in hun volledige acceptatie van elkaar.

De laatste dag moest Edina al voor het einde van de ochtend uit checken, terwijl haar vlucht pas later in de avond zou vertrekken terug naar Nederland. Xavier hielp haar uitchecken en bood haar galant onderdak op zijn kamer voor de dag aan, die ze als een dame aannam. Een grapje en een samenspel tussen hen. Tee was er ook, hij lag op bed. Terwijl hij af en aan in slaap viel, keken Xavier en Edina comedy shows op de laptop van Xavier, met een sfeer van een ontspannen zondag, gewoon tegen elkaar aan. Gezellig.

 Xavier viel even in slaap. Edina kijkt naar hem, zijn ontspannen gezicht, een arm open zodat ze tegen zijn schouder aan kon liggen, dat ene gekke bobbeltje op de pees van zijn hand, zijn huid, donkerder dan die van haar, de kleine grijzende haartjes op zijn borstkast en die gekke ketting van hem, met zijn eigen kies in een goude hanger gezet, die eraan bungelt en nu net als zij tegen zijn borstkast ligt te rusten… Ze speelt met de tand en en ze zou dat lelijke ding straks nog missen. Grinnikte ze.

Hij was zomaar ineens in haar hart geslopen, en zonder ooit ergens een grens over te gaan, haar volledig verrast. Ze wilde niet naar huis, ze voelde zich zo thuis bij hem.  Maar het werd tijd, ze moest gaan. Xavier lag met zijn gesloten ogen, hij wilde ze niet open doen want dan zou het tijd zijn voor haar om te gaan. Hij had naar haar gekeken terwijl ze sliep, de vorige nacht. Het had hem ontroerd zoals het hem ook deed wanneer hij zijn dochtertje ziet slapen. Hij voelde zich goed bij Edina en dat zat diep. Maar ze moest terug naar haar eigen leven, en hij naar het zijne. Langzaam opende hij zijn ogen, ze keek hem aan en glimlachte. ‘I love her smile’ dacht hij.

‘It’s time..’ Ze keek hem aan en hij zag haar teleurstelling. Hij liep met haar mee naar beneden en hield een taxi voor haar aan. De taxi was er sneller dan ze hoopte, maar verborg de teleurstelling en Edina gaf Xavier een knuffel, toen hij haar losliet stapte ze de taxi in, die haar mee nam, terwijl hij langzaam terug naar zijn kamer liep.

Op het vliegveld ontving Edina een berichtje van Xavier. Of ze het hem wilde laten weten zodra ze veilig geland was. ‘Lief..’ dacht ze.  Waarna ze haar telefoon uitschakelde om te gaan boarden. Xavier wist dat het beter was niets meer van zich te laten horen, maar hij wilde gewoon graag weten wanneer ze veilig terug in Nederland was. Terwijl hij Skype opstartte, stapte Edina in het vliegtuig.

Zijn vrouw, blij om Xavier te zien, liet hun dochtertje met papa praten via de camera, en Xavier deed zijn best om niet te huilen, zijn vrouw toonde haar zwangere buik en Xavier vroeg of alles goed ging, zijn vrouw knikte en vroeg hem of hij in December met kerst terug in Parijs zou zijn, en Xavier bevestigde dat hij natuurlijk met cadeautjes voor iedereen kwam en uitkeek naar de bevalling die ergens tussen de kerst en het nieuwe jaar zou plaats gaan vinden. Dat Xavier niet helemaal aanwezig was bij het gesprek, viel zijn vrouw op, en ze vroeg of hij zich wel goed voelde? Xavier zei dat hij hen miste, en een zware week had gehad en daardoor last had van maag en vroeg ging slapen.

Edina stond twee uur later op haar koffer te wachten bij de bagagebelt op het vliegveld van Amsterdam, en stuurde Xavier een berichtje, zoals beloofd, dat ze veilig was geland en over een uurtje thuis zou zijn. Hij reageerde niet. Ze hoefde niet te zeggen dat ze verliefd was, Het cabine personeel had het van haar gezicht af kunnen lezen.. Maar het was over, verzekerde ze zichzelf.  De vakantie was immers voorbij en het zou verder niets worden. Eenmaal thuis in haar eigen vertrouwde bed, liet ze de momenten met Xavier haar inhalen, en ze besloot dat het bijzonder was geweest. Maar het moest laten voor wat het was, een mooie ontmoeting.

Op haar telefoon wachtte haar al een berichtje nog voordat ze wakker was. Xavier schreef dat hij zich rot zoekt in het hotel maar haar niet kan vinden. Reageren is onweerstaanbaar en dus stuurt ze hem een gevat berichtje terug. Xavier ziet dat hij een berichtje terug heeft, en zijn hart maakt een sprongetje. Een paar dagen vullen ze zo het gemis na hun ontmoeting op, met elkaars berichtjes. Ze vloeien over en weer zoals hun gesprekken dat ook deden, vol grapjes, flirts en vragen over wat de ander de komende dagen doet.  Edina zoekt Xavier op via internet en ook op Facebook houden ze contact via de prive berichten. Het voelt intensief, alsof ze nog steeds bij elkaar zijn, en de berichten vullen letterlijk alle uren van de dagen. Xavier bekijkt haar foto’s die hij op haar facebook vind en slaat er een paar van op, op zijn computer. Hij wil ze bewaren, hij wil haar bewaren. Edina scrolt door zijn tijdlijn en leest zijn berichtjes en de grapjes die hij maakt met vrienden. Alles wat ze ziet klopt met wat hij haar heeft verteld, en ze durft zichzelf toe te staan te fantaseren over een weerzien. Misschien in Frankfurt als hij zijn tussenstop heeft, voordat hij doorvliegt..

Ze praten erover, hij vliegt over een paar weken, en dan is hij een halve dag en een nacht in Duitsland. Het is aan te rijden, en ze bespreken wie van hen de rit zal maken. Xavier kijkt naar het huren van een auto om naar haar toe te rijden. Edina kijkt ook naar haar mogelijkheden. Het moment om elkaar weer te zien komt met de dag dichterbij. Xavier zegt dat hij de kans om haar nog eens te zien niet wil laten ontgaan, en de kans aangrijpen nu hij straks nog een laatste keer dichtbij is voordat hij weer verder reist. Edina weet dat hij het meent en hij laat zich niet wegzetten als een vakantieliefde. Dat was misschien ook niet aardig van d’r. Hij heeft gezegd dat het hem kwetste, en dat hij serieuze gevoelens voor haar heeft en zich ziek voelde nadat ze vertrokken was. Edina puzzelt over hoe zij in zijn leven zou passen.  Zijn drukke schema, het stond het hebben van een relatie, zoals ze uiteindelijk nodig zou hebben, in de weg. Lange afstand relaties dat vond ze maar niets. Xavier zei dat de tijd dat vanzelf op zou lossen. Hij nog dingen te regelen had en zij ondertussen tijd samen zouden kunnen zijn, wanneer het kon.

Ze stopt met scrollen als ze een foto ziet van Xavier met een lief klein meisje op zijn arm. Edina valt acherover in haar stoel. Haar hart zinkt in haar schoenen en de schrik van wat ze ziet schiet als een golf door haar lijf. ‘Waarom heeft hij dat niet verteld? ..’

Ze stuurt hem een berichtje; ‘Waarom heb je me niet verteld dat je een dochtertje hebt? Ze wil het hem niet verwijten, maar de leugen doet zeer, want ze weet dat ze het gevraagd heeft, tijdens hun wandeling in Valencia. 

Xavier leest het berichtje en hij voelt een steen in zijn maag. Ik moet het haar uitleggen roept hij tegen Tee die op dat moment bij hem is in hun hotelkamer. Tee kijkt zijn goede vriend aan en knikt zwijgend.. Hij ziet paniek in de ogen van Xavier. En Xavier begint te huilen. Tee legt zijn hand op zijn schouder, en kijkt hem begripvol aan. Ondertussen wacht Edina wacht tot Xavier reageert, er komt niets..en dus belt ze hem.

Maar Xavier neemt niet op.

Edina gaat op Facebook verder op zoek naar antwoorden, en klikt zo via wat namen in reacties door, en vind nu ook de moeder van zijn dochtertje. Een prachtige vrouw, met zijn achternaam.. en op de foto ziet ze duidelijk een hoogzwangere buik aftekenen.              Edina slikt. Dit wil ze niet.

Xavier raapt zichzelf bij elkaar, en belt.

De telefoon gaat, ergens in de verte…

 

(c) Wendert

 

Create a free website or blog at WordPress.com.

Up ↑